Vogels in Chernobyl hebben kleinere hersenen

Vogels die in de omgeving van Chernobyl leven, hebben hersenen die 5 procent kleiner zijn dan normaal. Dit werd aangetoond in een studie onder 550 vogels van 48 verschillende soorten in die regio. De omvang van hun hersenen was significant lager dan die van oudere vogels. Dat effect zou direct gekoppeld zijn aan achterblijvende straling. Tot die conclusie komt een team van onderzoekers uit Noorwegen, Frankrijk en de USA.

Na de ramp in 1986 werden sporen van radioactiviteit gevonden in bijna elk land op het noordelijk halfrond. Het gebied rond de ramp is afgezet, maar wetenschappers mogen er wel de ecologische gevolgen van de ramp onderzoeken. Vorig jaar werden de resulaten gepubliceerd van de telling van het aantal dieren. Daaruit bleek dat er steeds minder dieren voorkomen in dat gebied.

Nu onderzocht het team vogels in de bossen rond Chernobyl. Daar zijn al veel grotere dieren en kleine ongewervelden verdwenen. De kleinere hesenomvang was het meest uitgesproken bij vogels van minder dan een jaar oud. Onder stressvolle omstandigheden kunnen vogels de omvang van sommige van hun organen veranderen als ze teveel energie verbruiken. Maar de hersenen zijn wel het laatste wat opgeofferd wordt.

Hoe het krimpen van de hersenen precies gebeurt, is nog niet duidelijk. Hoge niveau’s van straling zorgen ervoor dat ze meer anti-oxidanten verbruiken en dat zou kunnen leiden tot uitputtingsverschijnselen. Anderzijds kan de straling ook leiden tot stoornissen in de ontwikkeling van de hersenen. En nog een andere mogelijkheid is dat de vogels zich minder goed ontwikkelen, omdat er minder ongewervelde dieren zijn om op te eten.

Bron(nen):   BBC News