Als roofdieren verdwijnen, heeft dat verstrekkende gevolgen

Zeeotters eten zee-egels en zee-egels eten kelp. Als er genoeg zeeotters aan de kust leven, behouden de kelpbossen een gezond evenwicht. Maar toen de bonthandel in de jaren negentig de jacht opende op de otters in de Aleoeten (Alaska), ontstond er een overschot aan zee-egels die zoveel kelp wegvraten dat het kelpbos nagenoeg verdween, samen met alles wat ervan afhankelijk was. Vispopulaties namen af. Adelaars, die zich voeden met vis, veranderden hun voedingspatroon. En wat er nog restte van de kelp nam minder kooldioxide op uit de lucht.

Als aan de top van de voedselketen een dier verdwijnt, heeft dat verstrekkende gevolgen voor het ecosysteem, zo schrijven wetenschappers in Science. De gevolgen voor de voedselketen waren al bekend, maar wat nu is aangetoond is dat dat eenzelfde patroon optreedt in alle ecosystemen: in het water, op het land, op grote hoogte en diepte, … Ecosystemen worden opgebouwd rond ‘interactiewebs’ waarbinnen iedere soort van invloed kan zijn op tal van andere soorten. Het verlies van een roofdier aan de top van de voedselketen is van invloed op de waterkwaliteit, luchtkwaliteit, ziektepatronen en brand.

Het artikel vormt een synthese van het werk van twintig gerenommeerde wetenschappers uit Noord- en Zuid-Amerika, Afrika en Europa. De onderzoekers hopen dat beleidsmakers en natuurbeschermers meer rekening gaan houden met de interacties tussen de soorten, in plaats van met het uitsterven van een soort op zich.

Bron(nen):   Scientific American  Science