Schade aan merk DSB nauwelijks nog te repareren

Van zelfbenoemde redder in nood tot nationale paria. Het overkwam Dirk Scheringa, eigenaar en oprichter van de DSB Bank.
De voormalige politieman uit Wognum was het afgelopen jaar juist hard op weg om een gerespecteerd bankier te worden. Zijn DSB Bank deed in tegenstelling tot veel concurrenten immers niet aan risicovolle Amerikaanse beleggingen. De DSB Bank hoefde niet aan te kloppen voor staatssteun. Hij, die door collega’s van traditionele banken jarenlang met de nek werd aangekeken, mocht aanschuiven bij de parlementaire hoorzitting naar de kredietcrisis. En hij werd niet uitgelachen, niet heel hard tenminste, toen hij zichzelf eerder dit jaar via de media kandidaat stelde als gevolmachtigd crisisminister. Hij, Dirk Scheringa, zou de economie in twaalf maanden weer op koers kunnen krijgen.
Maar nu is alles anders. Nu moet hij vooral zijn eigen bank weer op koers krijgen. De DSB Bank zit middenin een storm, en de vraag is of de instelling daar nog uit gaat komen. De imagoschade voor de bank na weer een week van slecht nieuws is enorm.
De schade ooit weer herstellen zal niet zo makkelijk gaan, zegt Paul Moers, merkendeskundige van het Amsterdamse bureau High Value. „Het gaat jaren duren eer de naam DSB weer is opgekrabbeld, als het al goed komt”, aldus Moers. „Ik schat de kans dat het met het merk DSB goed komt op 30 procent. En dan alleen als Dirk Scheringa als boegbeeld vol naar buiten treedt, zijn excuses maakt en hamert op de zekerheden die de DSB biedt. Daarna kan hij alleen maar bidden dat hij het gaat redden.”

Bron: NRC Handelsblad