Griekenland is slechts de soep, Spanje het hoofdgerecht

Voor dat u extatisch wordt over het feit dat Griekenland misschien wordt gered: u juicht te vroeg, het gaat om Spanje. Spanje is de vierde economie van Europa, vijf keer groter dan Griekenland en twee keer zo groot als Griekenland, Ierland en Portugal bij elkaar.
Het Spaanse tekort is net zo hoog als dat van Griekenland, 11,4 %, en de Spaanse regering heeft geen idee wat daaraan te doen. Maar het kabinet weet wel zeker dat het tekort in 2013 terug is bij 3 %. "We have a plan," zegt de regering. Helaas weten buitenstaanders niet wat dat plan inhoudt.
Behalve dat het plan uitgaat van forse economische groei, zodat de belastingen vanzelf gaan stijgen. De Spaanse regering – socialisten voegt The Wall Street Journal er zekerheidshalve aan toe – denkt dat de economie al in 2010 weer gaat groeien. Maar het IMF en de OESO denken dat er nog verdere krimp volgt.  De werkloosheid ligt boven de 20 %; wat niet zo gek is, omdat Spanje veel te duur is geworden.
Spanje houdt er om twee reden de moed in. Om te beginnen heeft het land relatief weinig schulden, en bovendien zijn de statistieken niet vervalst en opgevrolijkt, zoals in Griekenland.
Maar de WSJ is er van overtuigd dat de voordelen niet opwegen tegen de nadelen, De bouwmarkt is tot stilstand gekomen en zal ook voorlopig niet herstellen. Voor het toerisme geldt hetzelfde: ook die sector krimpt. En de regering, een grote werkgever, gaan drastisch bezuinigen.
Het hoofdgerecht, denkt de WSJ, is bijna gaar. En dan zal Griekenland inderdaad niet meer dan een voorgerecht blijken te zijn geweest.

 

Bron(nen):   The Wall Street Journal