Help de hulpverleners

‘Rescuing the rescuers,’ kopt The Economist. Want de overheden die hun banken te hulp kwamen, zijn nu zelf wel erg wankel geworden. 
Groot was de hoop op een aantrekkende economie: dat zou immers betekenen dat de belastinginkomsten toenamen en dat veel uitgaven (denk aan stijgende werkloosheidsuitkeringen) wellicht zouden dalen. In zekere zin kwam deze wens ook uit en volgens de S & P 500 wordt her en der weer flink geld verdiend. 
Toch overheerst de angst bij investeerders en is men geobsedeerd door de Europese hulpacties aan de zuidelijke landen. Het vertrouwen in de voornemens dat landen afzonderlijk weleens even korte metten zullen maken met hun huizenhoge begrotingstekorten is niet groot. 
Het wantrouwen in de financiele wereld is goed af te lezen aan de rente die banken elkaar onderling berekenen voor geleend geld: dat percentage stijgt flink. 
Er bestaat trouwens een vreemde symbiose tussen overheden en banken, schrijft The Economist. Ze kunnen niet meer zonder elkaar sinds overheden in allerlei landen de schulden van banken op zich namen. Deze nieuwe relatie is de reden dat de Noordeuropese overheden zo snel bereid waren Griekenland bij te staan. Want veel banken hebben zulke enorme bedragen uitstaan in Zuid-Europa, dat geen hulp aan Griekenland een rechtstreeks aanslag zou zijn geweest op een aantal banken in dit deel van Europa. En dat had zomaar een soortgelijke bankencrisis als in 2008 kunnen veroorzaken. 
Met andere woorden: overheden en banken zitten in hetzelfde moeras.

Bron(nen):   The Economist