Gaat Sarko de opstelling doen?

Roselyne Bachelot (foto), de Franse minister van Sportzaken, is inmiddels in Zuid-Afrika gearriveerd om orde op zaken te stellen bij het Franse voetbalelftal. Op de achtergrond zien we al het silhouet van de president himself die als geen ander gevoelig is voor een afgang van zijn trotse natie en op deze manier hoopt dat het tij nog te keren is. De minister gaf ook toe dat ze veel met Sarko had overlegd over hoe het verder moet.
Bachelot was duidelijk op pad gestuurd met de stroopkwast om de donker getinte miljonairs niet nog bozer te maken. Na afloop zei ze tegen de pers: ‘J’ai dit aux joueurs que ce sont nos gosses, nos enfants.’ Huh? Zo praat je eerder tegen babies. Maar natuurlijk kwam ook aan de orde dat hier ‘diepere’ kwestes aan de orde zijn. Want ‘ce désastre était un désastre moral.’
U zult nu vragen wat er precies met dat Franse elftal aan de hand is en het gekke is: dat weet niemand. Ze zijn rijk, verwend, raken geen bal en zijn boos. Maar waarop? We kunnen er slechts naar gissen. Het zal toch niet zo zijn dat er een onderhuidse strijd wordt geleverd tussen de zwarte en de witte spelers, zoals eerder in het Nederlands Elftal het geval was (‘de kabel’)? Want het is echt nog niet zo lang geleden dat les Bleus als een voorbeeld van integratie werden afgeschilderd. Jean Marie le Pen werd ermee om de oren geslagen dat op het Franse voetbalveld alle kleuren ter wereld tot volle wasdom kwamen – en dat rassenproblemen wel degelijk waren op te lossen.
Maar nogmaals: we kunnen slechts gissen, want in de voetballerij blijft altijd alles voor de buitenwereld verborgen – het is au fond een duistere wereld met talloze geheimen.
Wat nu te doen? Volgens Bachelot moet het elftal zich vandaag tegen Zuid-Afrika ‘helemaal geven’. En wie weet is dat de eerste stap op de goede weg terug.
Jammer dat Sarkozy het zo druk heeft met kredietcrisis, ambtenarensalarissen en dat soort zaken. Want als hij zich echt helemaal op het voetbal kon storten, zouden de problemen uiteraard snel uit de wereld zijn.

Bron(nen):   Libération