Hoogleraren: Rutte wekt schijn belangenverstrengeling

Volgens twee hoogleraren integriteit wekt premier Mark Rutte de mogelijke schijn van belangenverstrengeling door zijn vertrouwensband met zakenman Ben Verwaaijen. “De mogelijke schijn van belangenverstrengeling ligt overtuigend op tafel,” zegt het tweetal in een reactie op onderzoek van HP/De Tijd.

Verwaaijen is misschien wel de belangrijkste adviseur van Rutte. Die laatste omschreef in NRC de relatie met de zakenman “als een vader die iets tegen z’n zoon zegt.” Tot 2014 had Verwaaijen geen zakelijke belangen in Nederland, maar dat veranderde toen hij en zijn zoon middels investeringsbedrijf Keen Venture Partners miljoenen gingen investeren in jonge internetbedrijfjes, zogenoemde ‘scale-ups’. Verwaaijen Junior drong in 2015 bij Rutte aan om de belastingregels voor deze bedrijven te versoepelen. Die oproep belandde letterlijk in het VVD-verkiezingsprogramma.

Hoogleraren Muel Kaptein en Leo Huberts, gespecialiseerd in integriteit in het openbaar bestuur, vinden dat de ‘mogelijke schijn van belangenverstrengeling’ daardoor wordt gewekt. “Een cruciale vraag is of de mogelijkheid van oneigenlijke invloed vanuit privécontacten en -betrokkenheid onderdeel uit maakt(e) van het politieke (en morele) netvlies van de premier en zijn partij met betrekking tot belangenverstrengeling,” aldus de hoogleraren.

“Mark Rutte is een drievoudig boegbeeld: van zijn partij, van de Nederlandse politiek en van de hele overheid. Hij is daarom bij uitstek degene die moreel leiderschap dient te tonen door voor te leven wat van iedere VVD’er, politicus en ambtenaar wordt verwacht. Daarvoor is vastgelegd dat zij onafhankelijk dienen te zijn en zelfs de schijn van belangenverstrengeling dienen te vermijden, zoals in de ‘Integriteitsregels’ van de VVD en in de gedragscode voor rijksambtenaren,” vervolgen Kaptein en Huberts.

Ze schrijven verder in hun gezamenlijke verklaring op het stuk van HP/De Tijd: “Het artikel biedt intrigerende informatie over mogelijke belangenverstrengeling en oneigenlijke invloed vanuit privérelaties. De mogelijke schijn van belangenverstrengeling ligt overtuigend op tafel.”

 

Bron: HP/De Tijd