Ziekenhuizen schroeven zorg nog verder terug door coronadrukte

Meer ziekenhuizen hebben in de afgelopen week de zogeheten planbare zorg stilgelegd of teruggeschroefd. Ze hebben het te druk met het behandelen van coronapatiënten. Inmiddels heeft 55 procent van de ziekenhuizen bij de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) aangegeven dat bij hen de "niet-kritieke planbare zorg" nu helemaal stilligt. Onder deze noemer valt zorg die kan wachten, zonder dat het uitstel leidt tot blijvende schade bij de patiënt. Bijvoorbeeld heupoperaties.

Een deel van de ziekenhuizen, inmiddels 31 procent, slaagt er ook niet meer volledig in om de planbare zorg die wél als kritiek geldt te leveren. In de vorige weekrapportage gaf 29 procent aan slechts deels voor deze "kritieke planbare zorg" te kunnen instaan. Hieronder valt alle zorg die binnen zes weken noodzakelijk is om blijvende gezondheidsschade te voorkomen. Nog eens 3 procent van de ziekenhuizen kan zelfs niet altijd de (semi-) acute zorg verlenen die nodig is. Dat percentage is gelijk gebleven.

Vrijwel alle ziekenhuizen die nog patiënten ontvangen voor planbare behandelingen die niet als kritiek gelden, doen dat nog maar gedeeltelijk. Landelijk is de operatiecapaciteit inmiddels met 51 procent 'afgeschaald', zoals dat wordt genoemd in zorgjargon.