Alex Ferguson spreekt

Stukjes over sport kunnen u gestolen worden, zoveel is zeker als we even achter de schermen van deze website kijken; de medewerksters van onze afdeling ‘Rapportage en statistiek’ doen we hiermee dan ook geen enkel plezier. 
Toch geven de moed niet op en staan hier even stil bij een artikel dat vandaag in The Daily Telegraph staat, een interview met Alex Ferguson.
Ferguson (68) is een fenomeen, ‘een hele grote meneer,’ zou Mart Seets ongetwijfeld zeggen. Sinds 1986 trainer bij Manchester United en hij stapelt succes op succes. Steeds weet hij nieuwe voetbaltalenten op te voeren die worden gemixt met dure aankopen van elders en blijkbaar kan de boog altijd maar gespannen blijven. Alleen al als je hem langs de lijn van het veld ziet zitten, voel je hoe die man van binnen kookt.
Legendarisch zijn z’n woede-uitvallen en van de ene dag op de andere kan iemand uit de gratie zijn, denk aan de domme Jaap Stam.  Op dit moment jaagt United op de Britse titel, zoals ieder jaar een titanenstrijd, en ook is er nog volop uitzicht op de ‘Cup met de grote oren’ (Mart bis). In de herfst van zijn leven is de kleine Schot nog steeds op de toppen van zijn kunnen.
In bijgaand interview laat Ferguson in zijn ziel kijken, het gesprek gaat over de eenzaamheid van een topcoach en over de spanningen die iedere wedstrijd kent – en over de extreme sensaties die winst en verlies met zich meebrengen.
Eigenlijk vonden we die brulboei met zijn fanatiek kauwgom kauwende kaken altijd een ordinaire parg. Maar herstel: wat hij hier zegt is mooi en memorabel.

Bron(nen):   The Daily Telegraph