Wolharige mammoet stierf veel later uit dan gedacht

De wolharige mammoet werd de ‘koning van de ijstijd’ genoemd. De gigantische, harige beesten waren uitstekend bestand tegen de ijzige kou in die periode. Maar toen werd het warmer.

Eerst zochten de indrukwekkende dieren nog koudere oorden op, maar uiteindelijk legden ze zo’n 11.000 jaar geleden het lootje. Op het vaste land tenminste, want er waren enkele dieren die nog zeker 7.000 jaar langer wisten te overleven op het eiland Wrangel in het midden van de Noordelijke IJszee. Eerst maakte Wrangel deel uit van het vaste land, maar door de stijgende zeespiegel werd het al snel een eiland en waren de mammoeten dus afgesneden van hun soortgenoten.

Dat concludeert een team wetenschappers uit Finland, Duitsland en Rusland op basis van enkele mammoetskeletresten, die 40.000 tot 4.000 jaar oud zijn. Volgens de onderzoekers heeft een ander dieet ervoor gezorgd dat de wolharige mammoet op Wrangel veel langer kon overleven.

Uiteindelijk leidde vermoedelijk hevige regenval ertoe dat een dikke ijslaag de bodem bedekte, waardoor het veel moeilijker was om voedsel te vinden. Ook was de drinkwaterkwaliteit behoorlijk achteruit gegaan op het eiland. Mogelijk hebben ook mensen invloed gehad. Er zijn archeologische bewijzen van de eerste mensen die slechts enkele honderden jaren jonger zijn dan de laatste mammoetresten.

Bron(nen):   Quaternary Science Reviews