Cannes maakt zichzelf belachelijk

Het ooit prestigieuze filmfestival van Cannes is verworden tot een lachertje. Ook Cannes is ervan overtuigd geraakt dat alle wegen naar succes via Hollywood lopen. Amerikaanse sterren als Brad Pitt en Johnny Depp zullen deze week alle aandacht opeisen. En tot overmaat van ramp is gekozen voor de animatiefilm Up van Disney als openingsfilm – een sentimentele film die sommige crititci al binnen een kwartier aan het huilen bracht, en die gemaakt is door een van de grootste filmstudios ter wereld.
Filmcriticus Kevin Maher haalt in The Times hard uit naar het Franse filmfestival dat in de jaren dertig met heel nobele doelstellingen van start ging, maar nu is gezwicht voor platte commercie. De openingsfilm van vorig jaar – Indiana Jones and the Kingdom of the Christal Skull – was ook al een ramp die de reputatie van het festival deed wankelen.
Het is, zo schrijft Maher, moeilijk te zeggen wanneer het verval is ingetreden, maar als hij een jaartal moet kiezen, dan kiest hij voor 1994 – het jaar dat Quintin Tarantino de Palme d’Or won met Pulp Fiction. Het was een film met niets dan holle ironie. De cirkel is mooi rond nu Tarantino dit jaar opnieuw een van de sterren van het festival is met een nieuwe film vol Hollywood-retoriek.
Het is waar dat er nog ruimte is voor makers van arthousefilms, zoals nu Lars von Trier en Michael Haneke. Maar volgens Maher presenteren beide regisseurs in zichzelf gekeerde films, die in de beste tradities van Cannes soms shockerend zijn, maar de kijker niets te zeggen hebben dat van belang is.

Bron(nen):   The Times