Eén staat voor Israeli’s en Palestijnen?

Nu de vredesbesprekingen tussen Israel en de Palestijnen steeds verder in het slop raken, komt een oud idee weer bovendrijven. De oplossing voor het conflict zou niet moeten worden gezocht in de coëxistentie van twee afzonderlijke staten, maar in de schepping van één staat voor zowel Israeli’s als Palestijnen. Dit idee wordt naar voren geschoven in het boek “The time of the Green Line” (de Groene Lijn is de grens tussen Israel en de Palestijnse gebieden) van de socioloog Yehouda Shenhav. Shenhav betoogt dat één van de bronnen van het conflict gelegen is in de uiteenlopende datering van het begin ervan onder (linkse) Israeli’s en Palestijnen. Linkse Israeli’s wijzen het jaar 1967 (van de Zesdaagse Oorlog) aan als startpunt en verheerlijken het Israel van vóór 1967 als een vreedzame, idealistische staat. Maar voor de Palestijnen begon het conflict al in 1948 met gedwongen verhuizingen en onteigeningen. Zij zien de nostalgische mythe van het ‘democratische’ Israel van vóór 1967 als een vorm van bedrog. Merkwaardig genoeg wordt het idee van één staat voor Israeli’s en Palestijnen gedragen door zowel Palestijnen en niet-zionistische linkse Israeli’s als een paar dissidente Israelische kolonisten. Deze kolonisten vormen nu een van de grootste obstakels voor de totstandkoming van een overeenkomst tussen Israel en de Palestijnen. Zij ervaren echter zelf hoe vervelend het is om aan de grens tussen Israel en de Palestijnse gebieden telkens weer geconfronteerd te worden met wegversprerringen en controles. Sommige kolonisten vinden het zelfs de normaalste zaak van de wereld dat Palestijnen die in 1948 verdreven zijn, kunnen terugkeren naar hun oorspronkelijke woonplaatsen in Israel zelf. Shenhav vindt het nog wel lastig om ook de ultieme stap te zetten als het tot één gezamenlijke staat zou komen: het aanvaarden van het beginsel van ‘one man, one vote.’ Hij ziet liever dat er een bestuursraad wordt gevormd waarin alle religies en culturen vertegenwoordigd zijn, die regeert volgens het principe van wederzijdse instemming.

Bron(nen):   Foreign Policy