Waarom Amerikanen dol zijn op alles wat groot is

Amerikanen op bezoek in Europa vinden alles maar klein: de auto’s, de huizen, badkamers, televisies, de bestelling in een restaurant en de supermarkten. Maar ze vinden het allemaal wel cute.
Komen Europeanen in de VS, dan vinden ze er alles overdreven groot. De vraag die dan rijst waarom Amerikanen zo van Hummers, borstimplantaten, gigantische huizen en megastores houden.
In ‘Living Large: From SUVs to Double Ds’ doet Sarah Z. Wexler de hang naar supersize maar ook de gevolgen ervan uit de doeken.
Neem de Walmart-winkels. De schrijfster vertelt in Time dat ze tijdens haar onderzoek tot een verbijsterende ontdekking kwam. Overal waar een Walmart, of andere megastore waar het goedkoop winkelen is, verrijst plukt de samenleving er de wrange vruchten van: de werkloosheid stijgt, de kiezersopkomst daalt en het kindsterftecijfer gaat omhoog. Bovendien is er meer luchtvervuiling omdat je alleen met een auto bij zo’n Walmartwinkel kunt komen.

Wexler constateerde ook dat Amerikanen gewoon vergeten wat er in hun land allemaal veranderd is de afgelopen jaren. En dat ze hun gevoel voor schaalgrootte totaal kwijt zijn. Zo laten ze huizen neerzetten die 120 procent groter zijn dan 50 jaar geleden. Maar waarom? Het aantal gezinsleden is in die jaren gedaald.

De oorzaken moeten gezocht worden in ‘ s lands geschiedenis. Het land van de onbegrensde mogelijkheden. ‘Go big or go home’, is een gebezigde uitspraak. Amerikanen waren voorbestemd om naar het Westen uit te breiden. En het heeft met het aloude maar nog springlevend machismo te maken.
Maar de ruimte om te verkennen en uit te breiden raakt ook in het onmetelijke Amerika langzamerhand op.
En hey folks, dat machismo is echt niet meer van deze tijd.

Bron(nen):   Time