Het tegengeluid: “De anti-vleescampagne is slecht voor de gezondheid”

Het is geen populaire mening die voedingsbiotechnoloog Frédéric Leroy van de VUB verkondigt. Dat beseft hij zelf ook. Toch wil Leroy in het Vlaamse opinieblad Knack uitleggen dat er achter de wereldwijde campagne tegen vleesconsumptie die de EAT-Lancet Commission deze week lanceert, ook financiële belangen schuilgaan.

Wat is er aan de hand? Deze week verscheen er een groot artikel in gerenommeerd vakblad The Lancet dat adviseerde om fors minder vlees te gaan eten, zodat in 2050 alle tien miljard wereldburgers te eten hebben. Het ging om een grote studie waar 37 wetenschappers drie jaar aan werkten. Zij maken deel uit van de EAT-Lancet Commission on Food, Planet, Health. EAT is een non-profitorganisatie opgericht door een steenrijke Noorse hotelmagnaat en zijn vrouw, een dierenrechtenactiviste. Deze organisatie is een samenwerking aangegaan met The Lancet. Samen vormen ze een collectief van enerzijds objectieve wetenschappers, maar anderzijds ook ideologen en bedrijven met financiële belangen.

“Een aantal artikelen die de afgelopen maanden al zijn gepubliceerd geven een idee van de inhoud van hun campagne,” begint Leroy. “Neem het pleidooi voor een belasting op vleesconsumptie ter verbetering van de publieke gezondheid. Dat hele verhaal is gebaseerd op voedselenquêtes met een aantal beperkingen en wel erg vrije assumpties. Het punt is dat de interpretatie van een causale link tussen sterfte en vlees eten niet correct is. En zeker niet robuust genoeg om er voedingsbeleid op te baseren.”

De wetenschapper vervolgt: “Ik wil benadrukken dat de campagne van de EAT-Lancet Commission géén wetenschappelijke consensus weerspiegelt. Natuurlijk is het goed dat er over vlees, gezondheid en klimaat wordt nagedacht. Maar ik wil waarschuwen tegen een discours dat erop hamert dat vlees slecht is, zonder enige nuance.”

Financiële belangen
Leroy vindt het vooral zorgwekkend dat er een connectie bestaat tussen EAT en de World Business Council For Sustainable Development (WBCSD). “Dat is een wereldwijd platform van grote spelers uit de voedingsindustrie. Wat blijkt? Nestlé brengt vegetarisch vlees op de markt, de directeur van Pepsico noemt de toekomst veganistisch en Unilever lanceerde een organisch-veganistische snacklijn. Die spelers hebben er dus belang bij dat nieuwe markten voor plantaardig voedsel aangeboord worden. Dat is zeer lucratief.”

“Je maakt gebruik van zeer goedkope grondstoffen zoals eiwitextracten, zetmeel en olie. Door die te behandelen – je wilt een eindproduct dat lijkt op kaas, vlees of melk – creëer je veel toegevoegde economische waarde. En dat levert winsten op. Het gaat dus om het opwaarderen van minderwaardig materiaal naar iets wat overeen lijkt te komen met dierlijke producten. Met als gevolg dat bepaalde producten nutritioneel heel zorgwekkend zijn: micronutriëntarm, overmatig calorierijk én zwaar bewerkt, wat nadelige gezondheidseffecten kan hebben.”

Voedingswaarden
“Het gevaar bestaat dat we door een vlees-is-slechtverhaal ineens ook veganistische junkfood gaan aanmoedigen. Als mensen te hard gaan geloven dat dat gelijkwaardig is aan vlees, zal dat voor de volksgezondheid geen goede zaak zijn. Het antivleesdiscours begint een bedreiging te vormen voor ons maatschappelijk welzijn. Bepaalde bevolkingsgroepen kunnen er overdreven sterk in meegaan, waardoor nutritionele problemen ontstaan. Denk aan jonge, zwangere vrouwen die veganistisch worden en mogelijk heel hun zwangerschap compromitteren. Denk aan kinderen die op veganistische diëten worden gezet. Denk aan bejaarden, die sowieso vaak al minder vlees eten en behoefte hebben aan proteïnen om spierverval tegen te gaan.”

“Vlees is gewoon een hoogwaardig voedingsmiddel. Het brengt veel nutriënten op een heel geconcentreerde manier in je dieet binnen. Neem je het weg, dan zijn daar wel oplossingen voor, maar dan moet dat op een weldoordachte manier gebeuren.”

Bron(nen):   Knack