‘Je ziet er goed uit’: wat je niet moet zeggen als iemand ziek is

Bruce Feiler was nog maar een jonge vader met twee dochtertjes van 3 jaar toen hij te horen kreeg dat hij een zeer agressieve vorm van botkanker had. Hij schreef een boek Vaders voor mijn dochters over zijn ziekte en wat dit betekende voor zijn gezin, zijn vrienden en zijn leven. 

In de New York Times geeft hij een aantal praktische adviezen over wat je beter wel en niet kan zeggen als je op bezoek gaat bij iemand die ernstig ziek is. Veel mensen weten zich daar geen raad mee en soms voelen ze zich zelfs zo ongemakkelijk dat ze minder vaak tot helemaal niet meer komen. Ziehier als steuntje in de rug: zes dingen die je beter niet kunt zeggen en vier die altijd kunnen:

NIET

  1. Wat kan ik doen om je te helpen?
    De meeste patiënten zijn niet blij met deze veelgestelde, zij het oprechte vraag, omdat de bal dan weer bij hen komt te liggen. Waarschijnlijk zul je geen antwoord krijgen op je vraag. Maak je gewoon nuttig en doe iets concreets. Geef zijn planten water of doe boodschappen op de dag dat hij thuiskomt.
  2. In mijn gedachten en gebeden ben ik bij je
    Sommige mensen denken vaak aan de patiënt, anderen bidden voor hem en dat is eel mensen gebruiken dit als een cliché. En dat kun je maar beter achterwege laten. Als dat ook nog eens betekent dat de patiënt het moet doen met je spirituele aanwezigheid, is het niet echt nuttig.
  3. Heb je dat mango-drankje nog geprobeerd?
    Je wil niet weten hoeveel adviezen mensen krijgen over wonderdrankjes, homeopathische druppeltjes, smeersels, edelstenen- of aromatherapie, om van bestraald water nog maar te zwijgen. Het ergste is als mensen daarna ook nog blijven vragen of je het al geprobeerd hebt.
  4. Alles komt wel weer in orde
    Wie probeer je gerust te stellen? De patiënt of jezelf? Als iemand ongeneeslijk ziek is, ontken je daarmee de waarheid en maak je het voor de patiënt onmogelijk om daarover te praten.
  5. Hoe gaat het met ons vandaag?
    Iedere volwassene patiënt klaagt erover dat hij als een kind benaderd wordt. Als de moeder van de patiënt nog leeft, heeft ze vaak de neiging de patiënt te gaan betuttelen. Het is niet omdat iemand ziek is, dat hij niet meer beschikt over zijn normale geestelijke vermogens.
  6. Je ziet er goed uit
    Als iemand er uitgemergeld, lijkbleek en halfkaal uitziet, komt dat niet erg geloofwaardig over. Opmerkingen over zijn uiterlijk zullen de patiënt in dat geval zeker geen goed doen.

WEL

  1. Schrijf me maar niet terug
    Het is leuk om een kaart te krijgen of via digitale media berichten te krijgen van mensen die om je geven, maar als de patiënt alle mails, tweets, … moet beantwoorden heeft hij daar een dagtaak aan. Die last kun je makkelijk van zijn schouders nemen. Het is handiger om aan de partner of iemand anders te vragen regelmatig een update te sturen.
  2. Ik moet nu maar eens opstappen
    Ook al is de patiënt blij met je bezoek: blijf niet langer dan 20 minuten, en nog minder als de patiënt moe is of pijn heeft. Maak je liever even nuttig in huis als de patiënt thuis is.
  3. Zal ik je de laatste nieuwtjes vertellen?
    Even een ander onderwerp doet het altijd goed. Mensen vaak al zo vaak vertellen hoe slecht ze zich voelen, … Zelfs iemand die pas geopereerd is, heeft een mening over Pipa en Anthony Weiner. Raadpleeg WIK als je geen inspiratie hebt.
  4. Ik hou van je
    Of een ander oprecht geuit gevoel. Het behoeft geen opsmuk, als je het maar meent. Dat zo weinig mensen dit doen, maakt het alleen maar waardevoller.

Vaders voor mijn dochters
Bruce Feiler
Wat te doen als je te horen krijgt dat je gezin zonder jou verder moet.
€ 17,95
Boekerij
ISBN: 9789022555286

Bron(nen):   New York Times