Overlopers

‘Nee maar, kijk daar eens, de heren Gijs de Vries en Joris Voorhoeve. Wat doet u hier in een tent in de vrije natuur?”
”Wij zijn zogenoemde overlopers, en als overlopers houden we elk jaar een overlopers-jacht. Dan trekken wij de vrije natuur in, in de hoop nog wat overlopers te vangen.”

”Wat leuk, mijnheer Voorhoeve. U doet dit al lang, is het niet?”
”Zeker, ik ben al geruime tijd een overloper. Ik bedoel, ja, ik heb bijna alle partijen al gehad en nu zit ik bij D66.”

”En u heeft onlangs mijnheer De Vries gevangen, is het niet?”
”Ja, ik zag Gijs lopen en ik dacht: jij bent voor mij! En ik riep: ‘Kom maar in m’n tentje, Gijs.’ Hij kwam meteen!”
”Hoe herken je overlopers?”
”Het zijn figuren die eigenlijk in de politiek weinig hebben voorgesteld, of uitermate laf zijn. U weet misschien dat ik mij tijdens de Srebrenica-affaire tamelijk laf heb gedragen, waardoor al die moslims zijn omgekomen… tja, en dan word je overloopgevoelig. En daarom herkende ik Gijs ook meteen!”
”Wat heeft Gijs dan gedaan dat u herkende?”
”Misschien kan Gijs dat beter zelf even zeggen…”

Lees verder in Het Parool