Dont Follow the Money

Misschien herinnert u zich All the President’s Men, het boek dat vertelde hoe president Nixon en zijn kliek niets te gek was om Democratische tegenstanders uit de weg te ruimen. De serie kranteartikelen uit de jaren zeventig van Bob Woodward en Carl Bernstein (later in boekvorm verschenen) zou zijn ondergang betekenen.
Cruciaal in dit verhaal is ene Deep Throat, een niet nader bekend gemaakte bron die de verslaggevers meermalen op het goede spoor zet als ze dreigen te verdwalen en op 1 moment doet hij een uitspraak die zeer bekend is geworden. Als Woodward hem weer eens ontmoet op een geheime locatie in Washington zegt hij: ‘Follow the money.’ Met andere woorden: wie de geldstromen volgt, komt altijd uit bij de hoofdrolspelers. Nog anders gezegd: geld regeert.
David Brooks pakt vandaag in The New York Times deze uitspraak op, maar verbastert hem en maakt ervan: ‘Don’t Follow the Money.’
Het stoort hem dat al maanden in de Amerikaanse media wordt gesproken over de vraag welke politieke kandidaat het meeste geld heeft, waarbij de dikste portemonnee steeds de grootste voordelen krijgt toebedeeld. 
Wie de meeste advertenties en tv-spots kan betalen, moet niet denken dat hij de verkiezingen wint, meent Brooks. Onder politieke wetenschappers is er geen consensus over de vraag of geld een verkiezing kan beslissen. Geld is niet meer dan een talisman waar bijgelovige types graag hun zekerheden aan ontlenen. 
Bij winst of verlies gaat het toch echt om andere zaken. Maar de politieke kaste heeft blijkbaar de mythe van het verkiezingsbudget nodig om in haar eigen voortbestaan te geloven.

Bron(nen):   The New York Times