10.000 euro boete voor toevoegen ex-klant aan LinkedIn netwerk

Een sales director was bij zijn ontslag een relatiebeding overeengekomen met zijn werkgever, een softwarebedrijf. Daar stond in dat hij een jaar lang geen contact mocht hebben of onderhouden met een aantal bij naam genoemde relaties van het bedrijf. Op overtreding van dit relatiebeding stond een direct opeisbare boete van 10.000 euro aan het softwarebedrijf.

Kort na zijn ontslag trad de werknemer in dienst bij een concurrerende onderneming. Vanaf dat moment hadden hij en zijn voormalige werkgever voortdurend discussie over de vraag of hij het relatiebeding schond. Hij werd in daar die periode zelfs 2 keer voor veroordeeld.

Toen ging de zaak met het LinkedIn-contact spelen. De ex-werkgever had een printje gemaakt van het LinkedIn-profiel van de werknemer waarop de volgende – bij LinkedIn-gebruikers bekende – tekst stond:
[naam relatie] is now connected to [naam werknemer] 32 minutes ago.

De werkgever spande een kort geding aan bij de Arnhemse rechter en kreeg gelijk: deze LinkedIn-tekst betekende dat er een eerste contact was geweest tussen de werknemer en de betreffende relatie. Of de werknemer de relatie had benaderd of andersom, maakte volgens de rechter niet uit. De werknemer moest 10.000 euro boete aan het softwarebedrijf betalen.

De rechter zal daarbij als volgt hebben geredeneerd: als de werknemer telefonisch contact had gezocht deze relatie, was dat ook een schending van het relatiebeding geweest. Waarom zou het anders zijn nu hij contact legt via de computer (LinkedIn)?

Zijn Twitter en Facebook straks ook verboden?

Is een relatiebeding oorspronkelijk niet bedoeld om ervoor te zorgen dat een werknemer zich onthoudt van het actief en stelselmatig benaderen van relaties van zijn ex-werkgever? Gaat een absoluut contactverbod, zoals de rechter in Arnhem lijkt te accepteren, niet veel te ver?

Bron(nen):   Intermediair