Daar komen de conservatieven

Het mag zo zijn dat waarzeggen en journalistiek twee verschillende zaken zijn, maar dat Gordon Brown straks wordt afgevoerd, lijkt geen gewaagde voorspelling. En dan mag Labour, sinds 1997 aan de macht, op het zijtoneel plaatsnemen.
In Londen en omstreken leeft de verwachting dat vervolgens David Cameron (42) zijn intrek zal nemen in Downing Street 10. En dat Groot Brittannië weer eens een conservatieve premier zal krijgen. Reden voor The New York Times om Cameron uitgebreid te portretteren.
Wat hij te bieden heeft?
Een Obama-achtige jeugdigheid, een goede opleiding (Eton en Oxford), en plannen en ideeën die de meeste babyboomers met afschuw zullen vervullen: hij heeft oog voor de klassieke bakens die in gemeenschappen een belangrijke rol vervullen zoals familie, clubjes, kerk en soortgelijke netwerken. Hij verdedigt de lokale instituties zoals scholen, kleine postkantoren en alles wat de sociale cohesie in stand weet te houden.
Op die manier doet Cameron zijn best het conservatisme een herkenbaar en aangenaam voorkomen te geven. Intussen vergeet hij de moderne attributen niet; op zijn huis plaatste hij eigenhandig een windturbine en in zijn partij werd ruim baan gemaakt voor vrouwelijke kandidaten.
Gecombineerd met het enorme afgrijzen dat de huidige politieke klasse weet op te roepen, in het bijzonder de zittende regering (bovenmatig declareren), komt Cameron in sneltreinvaart opzetten als de nieuwe kandidaat-premier.
Ja, die Cameron ziet er eigenlijk best eigentijds uit en het is ironisch dat de Tories met hem een veel modernere indruk maken dan de versteende Gordon Brown.
Goed gezien van The New York Times om hem zo uitgebreid te profileren.

Bron(nen):   The New York Times