De ontmaskering van Kardinaal Daneels

Gesprek tussen kardinaal Danneels en de neef van een bisschop. De neef wil dat de kardinaal het misbruik van de bisschop aan de kaak stelt. Dat is niet wat Danneels voor ogen staat. Die wil het stiekem houden.
‘Dus ik ben mijn hele jeugd misbruikt geweest van mijn nonkel Roger. Seksueel en nu nog altijd geestelijk, en ik vind dat ik daar iets moet mee doen, dat ik de plicht heb om dat te melden aan een hogere instantie’, begon het slachtoffer zijn onderhoud met kardinaal Danneels.

‘Ik geef de verantwoordelijkheid aan jullie, ik kan er niet over beslissen, ik heb die last op mijn schouders en ik wil van die last verlost zijn en die last aan jou geven. Dat is mijn bedoeling,’ veruidelijkt hij zich.

Wanneer het slachtoffer zegt dat het aan de Kerk is om het nieuws al dan niet bekend te maken, reageert de kardinaal: ‘Eigenlijk, monseigneur gaat volgend jaar zijn ontslag geven, eigenlijk zou dat beter zijn dat je wacht.’

Het slachtoffer geeft daarop aan dat hij niet kan aanvaarden dat Vangheluwe in glorie afscheid zou nemen, waarop de kardinaal zegt dat hij ‘daar geen gezag heeft over monseigneur Vangheluwe.’ ‘En wie dan wel?’, vraagt het slachtoffer. ‘Eigenlijk niemand, tenzij de paus’, luidt het antwoord. ‘We hebben geen gezag over de andere bisschoppen, we zijn alleen…. eigen baas’, klinkt het nog.

Kardinaal Danneels vraagt of het slachtoffer dan verlangt dat Vangheluwe aftreedt. ‘Maar dat moet hij beslissen, ik wil het gewoon melden, dat is het. Je verlangt dat ik iets zeg dat ikzelf niet kan zeggen, ik kan dat niet, ik weet niet hoe het verder moet, oftewel moet ik een andere manier zoeken om dat voor mij een volledigheid te geven.’

Wanneer het slachtoffer aandringt op een gesprek met de paus en een sanctie voor Vangheluwe, zegt de kardinaal: ‘Och ja… Ge kunt ook vergiffenis vragen, hé, en uw schuld bekennen.’

‘Aan wie moet ik vergiffenis vragen? Ik moet toch geen vergiffenis vragen?’

‘Hij kan dat doen, ‘t is waar’, aldus kardinaal Danneels.

Even later dringt de kardinaal er weer op aan om het verhaal nu nog niet naar buiten te brengen. ‘Je zou ook kunnen zeggen, hij neemt volgend jaar toch ontslag, en dat hij bijvoorbeeld zegt: kijk, ik treed niet meer op voor televisie en zo. Van die dingen, en je komt aan een jaar.’

‘Nee, ik wil het in de handen leggen van jullie en jullie beslissen dan.’

‘Ge kunt ons vastpakken en chanteren, hé, en zeggen: kijk, je moet iets doen’, is dan de reactie.

Tegen het einde van het gesprek vraagt het slachtoffer: ‘Maar waarom heb jij zo’n medelijden met hem en niet met mij?

Bron(nen):   De Standaard