Opmerkelijke cijfers: in sommige EU-landen woont bijna de helft van 25- tot 34-jarigen nog thuis

In Nederland is het leven duur, maar het is nog lang niet zo erg als elders in Europa, waar veel jongeren noodgedwongen tot in hun dertiger jaren bij hun ouders blijven wonen. Reden? De huizen en de boodschappen zijn duur, de lonen laag.

Onderstaand plaatje van CBS-onderzoeker en professor aan de UvA, Ruben van Gaalen, laat zien hoe het aantal thuiswonende jongeren overeenkomt met de verschillen in welvaart in de EU. In Denemarken woont slechts 3 procent van de 25- tot 34-jarigen nog in Hotel Mama. Ook in de overige Scandinavische landen gaan de meeste jongeren al vroeg het huis uit, net als in Nederland, België en Duitsland.

Zak je verder af naar het zuiden en het oosten dan lopen de percentages snel op. In Spanje, Portugal en Italië woont ongeveer de helft van de 25- tot 34-jarigen nog thuis. Op de Balkan zijn percentages boven de 60 procent heel normaal.

Culturele verschillen spelen ook een rol, maar de financiële situatie van jongeren lijkt doorslaggevend: ze kunnen een eigen huis simpelweg niet betalen.