Hans Kraay: ‘Ik dat hij mijn vader me zou vastpakken en zou zeggen: ‘Ik hou van je, jongen.’

In De Volkskrant spreekt Hans Kraay over zijn vader. ‘Hij was mijn vader. Tijdens wedstrijden van Feyenoord B1 of C1 stond hij altijd aan de zijlijn met Wim van der Gijp, de vader van René. Nooit zeiden ze dat we goed waren. ‘Aardig gespeeld’, was het maximale. René en ik vonden het mooi dat ze geen schouderkloppers waren.

‘Ik was trots toen mijn vader in het eerste van Feyenoord speelde, maar hij was nooit mijn idool. Dat werd hij pas toen hij mijn ernstig dementerende moeder, die twee jaar geleden is overleden, in huis heeft gehouden omdat hij zo veel van haar hield. Hij heeft zichzelf weggecijferd en haar twee jaar lang 24 uur per dag verzorgd. Dat je zó ver voor iemand gaat…

‘Mijn vader overleed een paar maanden na haar. Het klopt dat hij rationeel was en dat ik emotioneel ben. Lang wilde ik dat hij me zou vastpakken en zou zeggen: ‘Ik hou van je, jongen.’ Bij Over vaders en zonen in 2009 hoopte Hugo Borst dat dat eindelijk zou gebeuren. Maar mijn vader wilde dat niet. Ik moest het gevoeld hebben, zei hij. Hij heeft gelijk, dacht ik toen. Ik moet het maar voelen. En ik heb het gevoeld. Toch zou ik hem nu best vast willen houden.’

Bron(nen):   Volkskrant