“Ik ben altijd heel erg met winnen bezig. Ik word soms best wel moe van mezelf”

Sven Kramer schaatst niet zo hard als anders. Het begin van het einde?

Aan ambities nog altijd geen gebrek. De Winterspelen van 2022 in Peking? Zeg nooit nooit. tegen De Telegraaf:

„Tegen die tijd ben ik 35 jaar. Als ik alles fysiek een beetje op de rit krijg, moet ik ook daar op de Olympische Spelen kunnen staan. Vooralsnog bekijk ik het van jaar tot jaar. Eerst moeten de fysieke fundamentele basiswaarden op orde zijn. Alleen daarvandaan kan ik weer excelleren. Zoals ik me nu voel, is het in mijn perceptie niet goed genoeg. Dus denk ik er nu nog niet over na om tot Peking door te gaan.”

„Misschien zeg ik aan het einde van dit seizoen: het ging geweldig, ik ga nog drie jaar door. Het kan ook zijn dat ik er straks in maart helemaal klaar mee ben. Vooralsnog zit ik niet zo in elkaar. Ik heb natuurlijk ook verantwoordelijkheid voor de ploeg, hè?”

Kramer is ook niet dol op zijn publiek en de media. Daar heeft hij soms zijn buik van vol.

„De mensen die mij van de televisie kennen, weten niet wie ik ben. En ik zal je vertellen: dat vind ik echt helemaal prima. Die pose voor de camera, dat doe ik ook een beetje bewust. Ik sta al zó veel en zó lang in de belangstelling dat ik het heerlijk vind om niet uit te dragen wie ik buiten de schijnwerpers ben. Ik wil gewoon mijn ding doen. Dat niemand me lastigvalt.”

Dus trekt hij gewoon een scherm op, zegt hij. „Ik heb niet de behoefte om alles te delen via televisie of sociale media. Thuis is thuis, snap je? Dat betekent niet dat ik daar een ander persoon ben. Ik ben 24/7 schaatser, ook in mijn hoofd.” Schuldbewust: „Misschien straal ik dat wel te weinig uit.”

„Ik schuif bewust ook zo weinig mogelijk aan in televisieprogramma’s. Daar heb ik gewoon geen enkele behoefte aan. Ik ben oprecht blij als ik thuis kan zijn na een trainingskamp of een toernooi.”

“Als ik al vijftien jaar Sven Kramer moet spelen, man, dat houd je echt niet vol. Dan ga je helemaal kapot.”

Bron(nen):   Telegraaf