Liesbeth List kent bijna niemand meer, behalve Ramses

Liesbeth List leeft in een heel klein wereldje in een verzorgingshuis in Zeist. Ze weet niet veel meer en ze ziet amper meer de vrienden van vroeger. Dat laatste komt volgens De Telegraaf om haar dochter Elisah probeert het bezoek aan haar moeder zoveel mogelijk te beperken. Niet onlogisch: patiënten met zware dementie zijn dikwijls gebaat bij zo min mogelijk onverwachte gezichten en gebeurtenissen en rust en regelmaat. Maar in De Telegraaf klagen de vrienden dat ze niet welkom zijn. Meer vrienden van vroeger hebben moeite met de manier waarop ze uit het leven van Liesbeth List zijn gewist.

“Eén van hen zegt: „Ik heb Liesbeth vaak bezocht in Amsterdam-Noord, waar ze heerlijk woonde. Maar de dementie eiste toen al zijn tol. Ik begrijp best dat Elisah wilde dat haar moeder werd opgenomen in dat verzorgingstehuis in Soest. Zelfstandig wonen ging meer.”

„In het begin heb ik haar nog bezocht, in dat tehuis, midden in de weilanden. Ik was dol op haar! Liesbeth zag er goed uit en liep rond, volledig in de make-up en met haar pruik op. Ze had ook een couturejurk aan, met pailletten, want ’gewone kleren’ heeft Liesbeth niet.”

„Ik kreeg de indruk dat ze erg tevreden was, al bemoeit ze zich met niemand. Ze heeft ook geen telefoon meer en leidt een heel stil leven.”

Terugblikkend op wat het laatste bezoek zou zijn: „Ik was blij dat Liesbeth mij tenminste herkende, want ze is heel veel vergeten. Maar Ramses Shaffy niet hoor, over hem praatte ze honderduit.””