Ingreep FED voedt angst voor inflatie

De beslissing van het Amerikaanse stelsel van centrale banken, de Fed, om een bedrag van ruim 1.000 miljard dollar in de wereldeconomie te pompen, heeft de angst voor inflatie gevoed. Door de onverwachte beslissing van de Fed heeft de dollar in een dag tijd sterk aan waarde ingeboet ten opzichte van andere valuta, zo melden diverse kranten, waaronder The New York Times en The Wall Street Journal. De beslissing komt in feite neer op het aanzetten van de geldpers, en is in omvang twee keer zo groot als alle Fed-acties van vorig jaar. De omvang van de ingreep heeft beleggers en waarnemers verrast.
De Fed ging over tot deze ingreep omdat haar gebruikelijke beleidsinstrument, het verlagen van de rente, onbruikbaar is geworden: de belangrijkste rentevoet staat al op vrijwel nul. Door nu langlopende staatsleningen op te kopen (300 miljard dollar) hoopt de Fed dat ook de rentetarieven voor consumenten en bedrijven naar beneden gaan. Ook trekt de Fed 750 miljard uit om hypotheek-pakketten op te kopen. Tenslotte maakt de Fed ook nog eens 200 miljard vrij om te investeren in schulden van agentschappen als Fennie Mae en Freddie Mac.
De Fed heeft volgens een berekening van The New York Times zijn leningen sinds september vorig jaar al verdubbeld, tot een totaal van 1,8 billjoen dollar, ofwel 1.800 miljard. De totale steunoperatie zal nu de 3 biljoen overschrijden. In Japan en Groot-Brittannië hebben de centrale banken ook besloten geld in de economie te pompen, een beleid dat wordt omschreven als ‘quantitative easing’. De druk op de Europese Centrale Bank om hetzelfde te doen, neemt toe.

Bron(nen):   The Wall Street Journal  The Wall Street Journal  The New York Times