Patiënt de dupe: Medisch specialisten zijn na lange dienst te moe om nog goed te kunnen werken

Overal ter wereld draaien specialisten 24-uursdiensten. Ze maken eerst een volledige werkdag van tien tot twaalf uur en zijn daarna ‘s nachts oproepbaar voor spoedgevallen. Daardoor zijn ze vaak zo moe dat de veiligheid van de patiënt in het geding is, vinden twee vooraanstaande hoogleraren die nu pleiten voor afschaffing van de 24-uursdienst.

60-urige werkweek
“Het gaat ons niet om de 60-urige werkweek. Dat is het probleem niet. Het gaat ons om het lang achter elkaar doorwerken. Een maximum van twaalf uur zou een prima vuistregel zijn,” zeggen hoogleraar en anesthesioloog Jan Klein en Dink Legemate, hoogleraar en hoofd chirurgie van het AMC in de Volkskrant. Ze zijn ervan overtuigd dat lang achter elkaar doorwerken leidt tot fouten, of tot minder goede beslissingen. Klein: “In zijn algemeenheid kun je zeggen – en daar hoef je geen professor voor te zijn – dat je gewoon minder goed functioneert als je moe bent.”

Kort door de bocht
Legemate noemt een voorbeeld: “Als je een ingewikkelde operatie voor je hebt, ben je geneigd in de nachtelijke uren korter door de bocht te gaan, zodat je sneller klaar bent. Stel: je kunt kiezen voor een uitgebreide of een beperkte vaatoperatie. Dat kan een paar uur schelen. Als je een lange dag hebt gewerkt en je weet dat je de dag erna ook flink aan de bak moet, neig je ernaar de kleinere operatie te kiezen. Terwijl je achteraf ziet dat de uitgebreide operatie misschien beter was geweest.”

Als anesthesioloog bewaakt en controleert Klein vitale functies van de patiënt, zoals ademhaling en hartslag. “Als het spannend wordt, kun je wel wakker blijven. Als je alleen moet controleren of alles goed gaat, is het soms vechten tegen de slaap.”

Piloten
De twee specialisten wijzen erop dat in andere beroepsgroepen wel een maximum zit aan het aantal werkuren. “Voor vrachtwagenchauffeurs is dit geregeld. Voor piloten is het geregeld”, zegt Legemate. “Zij mogen slechts een beperkt aantal uren achter elkaar werken en dat vindt iedereen volstrekt begrijpelijk. Over de medisch specialisten heeft niemand het. Waarom zet de maatschappij daar geen druk op? Dat vind ik vreemd. Een patiënt moet erop kunnen vertrouwen dat hij een fitte arts aan zijn bed heeft.”

Bron(nen):   De Volkskrant