Tv-recensenten vegen de vloer aan met Jort Kelder

Om de een of andere reden heeft de NPO gedacht dat het een goed idee was om Jort Kelder Op1 te laten presenteren. NRC-recensent Arjan Fortuin: “Terecht werd gevraagd of hij sommige politici (zoals Mark Rutte en Thierry Baudet) niet te goed kende om in die rol geloofwaardig te functioneren – maar kennelijk zag de NPO-leiding journalistieke onafhankelijkheid niet in alle opzichten als core business van de organisatie.”

En gisteren was een van zijn vrienden te gast, Thierry Baudet. Waarom? Dat werd niet duidelijk. Misschien omdat hij geen machtsfactor van belang meer is. Er gebeurde wat je kon verwachten: van Kelder geen enkele kritische vraag. Bijvoorbeeld waarom Baudet zich omringt met neo-nazi’s. Fortuin weet waarom dat zo is: “Ook op het grootste podium dat hij in zijn loopbaan heeft gehad, kan hij zich niet bevrijden van de gewoonte om ‘Jort Kelder’ te spelen. Met ironische terzijdes, glimlachjes en blikken benadrukt hij onophoudelijk dat hij die bal-met-bretels is die ze vast gevraagd hebben om het rechtsemannenquotum te halen. Het gevolg is dat Kelder niet alleen zichzelf ironiseert, maar ook het gesprek dat hij aan het voeren is.”

“De kritische vragen werden niet gesteld door Kelder of zijn collega Welmoed Sijtsma. Zij lieten het vuile werk over aan de gasten, van wie NRC-columnist Rosanne Hertzberger, Jean Dohmen (FD) en cabaretier Peter Pannekoek het meest uitgesproken waren. Kelder beschermde Baudet niet, hij zette hem ook niet klem. Op zeker moment zou het niemand zijn opgevallen als Kelder en Sijtsma waren weggeslopen naar de koffie-automaat.”

Tv-recensent Angela de Jong van het AD is het eens met NRC’s Arjen Fortuin. Zij vindt het kwalijk dat Thierry en Wybren geen strobeed in de weg gelegd werd, schrijft ze in haar column. “Wilde een andere tafelgast iets corrigeren, dan was er ineens geen tijd meer of moest het kort van presentatoren Jort Kelder en Welmoed Sijtsma.”

“En ondertussen mag de kijker alle gedane beweringen lekker zelf gaan factchecken. Het is de NPO onwaardig.”

Bron(nen):   NRC  AD