Programmamakers trekken live stream niet: ”Ik zocht een schuilplaats in de trein”

Programmamakers Tim den Besten (28) en Nicolaas Veul (31) filmden zichzelf 18 dagen lang aan één stuk door. Hun experiment zou drie weken duren, maar stopte voortijdig. ”Ik werd compleet paranoïde.”

In een tijd waarin er volop gemorreld wordt aan ons recht op privacy vroeg het duo zich af of privacy wel zo belangrijk is. De twee kwamen van een koude kermis thuis. Hun vierdelige documentaire Super Stream Me begint vanavond.

Tim werd door de voortdurende aanwezigheid van een camera na een tijdje nogal paranoïde. “Dat kwam door meerdere dingen,” vertelt hij in Knack. ”De redactie van het programma kon bijvoorbeeld in mijn Whatsappberichten kijken. Dit hadden we bedacht zodat we tijdens de stream ook niet in onze telefoon konden vluchten. Maar toen ik op een ochtend wakker werd, waren al mijn berichten al gelezen. Toen dacht ik: ik mag toch eerst zelf wel alles lezen?”

Echt mis ging het toen hij in de trein zat. In Viva vertelt hij: ”In de trein was ik al wat aan het huilen omdat ik me zo kut voelde. Op station Amersfoort moest ik overstappen en ik dacht: ik blijf even hier. Vervolgens bleef ik rondjes lopen op het station. Ik wist niet zo goed wat ik aan het doen was. Ik zocht een beschutte plek, waar ik veilig en onbespied zou zijn, maar dat lukte natuurlijk niet omdat ik die camera de hele tijd op mijn rug had.”

Hij vindt wel dat er een groot verschil is tussen veel laten zien en álles laten zien. “Als je alles laat zien, word je een beetje gek. Als je een selectie kunt maken van wat je wil laten zien, is dat eigenlijk de ultieme vorm van privacy. Want privacy is ook dat je bij je huisarts iemand anders bent dan bij je moeder of vrienden. Je hebt heel veel versies van jezelf en die toon je alleen op bepaalde momenten. Dat is ook privacy.”

 

Bron(nen):   Knack  Viva (Blendle)