Bouterse zal al zijn macht gebruiken

Kees M.Paling, publicist en auteur van ‘Operatie Tango, de Oranjecoup op Veteranendag’, schrijft in de Volkskrant dat de voormalige kolonie Suriname iets vrolijks en gemoedelijks had. Met de keuze van de nieuwe president komt daar een einde aan. Niemand moet raar opkijken als hij Nederland via buurland Venezuela en de Antillen in een oorlog stort.

Met de benoeming van ex-dictator Desi Bouterse tot president van de republiek krijgt Suriname eindelijk de Zuid-Amerikaanse allure die het verdient. Natuurlijk, er was al lange tijd sprake van corruptie, nepotisme en drugsgerelateerde criminaliteit, maar de voormalige kolonie had altijd nog iets vrolijks en gemoedelijks. Dat laatste is er nu voorgoed van af. Wanneer een voormalige couppleger, een oud-rebellenleider en een handtastelijk politicus – ooit gezworen vijanden van elkaar – de handen ineenslaan om te voorkomen dat de beoogd president achter de tralies verdwijnt, is dat een typisch Latijns-Amerikaanse methode om ‘een vlekje weg te werken’.
Maar wie denkt dat het daarbij blijft, zal zich nog lelijk vergissen. Zeker, het is prettig dat de president immuniteit geniet en niet meer in het buitenland gearresteerd kan worden wegens drugshandel en evenmin vervolgd kan worden voor zijn mogelijke betrokkenheid bij de decembermoorden. Met een tweederde meerderheid in de Nationale Assemblee zal Bouterse er straks een amnestiewet doorheen kunnen jagen, waardoor hijzelf en de andere voormalige coupplegers de eerste vijf jaar (zijn huidige ambtstermijn) veilig kunnen rondlopen. Bovendien kun je met een tweederde meerderheid ook de grondwet aanpassen en bijvoorbeeld de ambtstermijn of de mogelijkheden tot herverkiezing van het staatshoofd veranderen. In Zuid Amerika is dat vaker gedaan of in ieder geval gepoogd.

Als president van Suriname beschikt Bouterse over veel bevoegdheden en uitvoerende macht. Hij is staatshoofd, regeringsleider en opperbevelhebber van de strijdkrachten. Als president bepaalt hij de Surinaamse buitenlandse politiek en (sic) bevordert hij de internationale rechtsorde. Volgens de grondwet kan hij ministers, ambassadeurs en zelfs elke individuele ambtenaar benoemen en ontslaan. Dat biedt hem de mogelijkheid om in het hele overheidsapparaat zijn eigen vertrouwelingen neer te zetten.
En Bouterse zou Bouterse niet zijn, als hij de hem verleende macht niet zou gebruiken of misbruiken voor zijn eigen doelstellingen. Welke dat zijn, daar mogen we naar gissen, maar een presidentschap als een soort Zuid-Amerikaanse Nelson Mandela zit er waarschijnlijk niet in. Hoewel Bouterse ook in het buitenland onschendbaarheid geniet, zullen de meeste westerse landen niet met hem weglopen. Dat betekent dat hij zich waarschijnlijk meer op het eigen continent – Zuid Amerika – zal richten. Het is zeer wel denkbaar dat hij de banden met Hugo Chavez – president van bijna buurland Venezuela en evenzeer een buitenbeentje – zal aanhalen.
Beide presidenten hebben de pest aan de Verenigde Staten en aan Nederland. Om de aandacht van binnenlandse problemen af te leiden, beklaagde Chavez zich de afgelopen jaren al verschillende keren over schendingen van het Venezolaanse luchtruim door de Nederlandse luchtmacht. Mocht Suriname na enkele jaren de handel en wandel van de president beu zijn en mochten zowel Chavez als Bouterse te maken krijgen met grote binnenlandse problemen, dan is een gezamenlijk militair avontuur een aantrekkelijke bliksemafleider.
Guyana, dat als buffer tussen beide landen fungeert, is dan een makkelijke prooi, maar voor hetzelfde geld worden het de Antillen. Een zwart scenario – een Tomas Ross waardig – tekent zich dan af, want dan krijgt Nederland zijn eigen Falklandcrisis. Waarom anders zou minister Verhagen zich onlangs zo inspannen om de betrekkingen met Venezuela weer te verbeteren?

Maar er is ook nog een ander typisch Zuid-Amerikaans scenario, en dat is de ‘pronunciamiento’ of de dreiging van een staatsgreep. Het zou een bizarre speling van het lot zijn – in Latijns-Amerika zeer gebruikelijk – dat een voormalige coupleider afgezet wordt via een coup d’état (en vervolgens nergens ter wereld veilig is wegens het wegvallen van zijn immuniteit).
Aangezien de nationale strijdkrachten die coup waarschijnlijk niet zullen plegen, zal de interventie van buitenaf moeten komen. Weliswaar is er dan een legitimeringsprobleem – de voormalige couppleger was tenslotte democratisch gekozen – maar wellicht geeft deze president de komende jaren zelf voldoende aanleiding een dergelijke ingreep te verdedigen. Eigenlijk moeten we daar gewoon maar op vertrouwen.