Dijkhoff en zijn wachtgeld: mokkende excuses slecht voor imago

Klaas Dijkhoff geldt binnen de VVD als de gedroomde opvolger van Mark Rutte. De nuchtere liberaal, die humor heeft én van PSV en carnaval houdt, valt bij de VVD-achterban in de smaak. Er is één ding waar het hem echter aan ontbreekt en dat is het teflon van Rutte.

De premier komt met elke leugen of blunder weg door zijn stralende glimlach en uitgebreide excuses. Dijkhoff daarentegen houdt niet van sorry zeggen en moet hij toch door het stof dan is dat mokkend en allesbehalve overtuigend. Meest recente voorbeeld is de wachtgeldaffaire.

De fractievoorzitter van de VVD vindt het terecht dat hij een modaal jaarsalaris aan wachtgeld ontvangt, want hij heeft er naar eigen zeggen recht op. Behalve dat je het gerust onethisch en inhalig kunt noemen, gaat hij daarmee ook volledig voorbij aan het partijbelang. De wachtgeldregeling ligt immers altijd gevoelig en zeker bij een partij die bijstandsgerechtigden graag de maat neemt. Dijkhoff voert daarbij vaak zelf het hoogste woord.

Uiteindelijk wordt de VVD’er teruggefloten door zijn eigen partij en besluit hij afstand te doen van het wachtgeld. Maar van harte gaat het niet. Met een norse blik verschijnt hij voor de camera. “Ik sta er nog steeds achter, maar ik begrijp ook dat de discussie hoog is opgelaaid,” klinkt het gepikeerd. Om daar vervolgens aan toe te voegen: “Ik steun andere mensen die wachtgeld krijgen volledig.”

Geen excuses, geen enkel begrip, sterker nog, je ziet een nurkse man, die gewend is zijn zin te krijgen en daarom nu een beetje boos is. Meer nog dan zijn wachtgeld is het zijn reactie op de affaire die zijn ware aard toont. En die een forse barst oplevert in het zorgvuldig geboetseerde imago van goedlachse Brabander.