Valse bescheidenheid van Duitsland

Lange rijen namen circuleren voor de twee nieuwe topfuncties die de EU in de aanbieding heeft (gemakshalve spreken we van de EU-president en de EU-minister van buitenlandse zaken). Er zijn dames die erop gewezen hebben dat er vrijwel geen vrouwen op deze lijstjes voorkomen, maar de Duitsers is iets anders opgevallen: er staan helemaal geen Duitsers op.
Het past in de na-oorlogse traditie, schrijft Die Zeit, van Duitse bescheidenheid. Al veertig jaar lang bezet Duitsland geen topfunctie in de Europese Unie en ook bij de talloze VN-organisaties spelen Duitsers zelden een prominente rol.
Lange tijd heeft dat voor Duitsland ook goed gewerkt. Iedere kandidaat voor een topfunctie in de EU wist dat hij de steun van de Bondskanselier nodig had, en nadat hij die had verkregen, was hij vervolgens ook schatplichtig aan Duitsland. Zie bijvoorbeeld de steun van Duitsland voor Wim Duisenberg als eerste president van de Europese Centrale Bank.
Toch verandert er iets. De Duitse afwezigheid in de stoelendans is niet langer onomstreden. Diverse waarnemers pleiten voor een assertievere opstelling. Waarom had Angela Merkel niet in een eerder stadium Wolfgang Schäuble naar voren geschoven. En Frank-Walter Steinmeier of Joschka Fischer zouden toch serieuze kandidaten voor Buitenlandse Zaken zijn geweest. Maar de laatste twee hebben dan weer de verkeerde politieke kleur – alsof de Fransen zich daar ooit door laten weerhouden een kandidaat naar voren te schuiven.

Bron(nen):   Die Zeit