Afghaanse agenten zijn corrupt, verkrachten en schieten nog steeds de verkeerde kant op

Er is nu acht jaar energie en 6 miljard dollar gestopt in het opleiden van de Afghaanse politie. Die politie moet een hoofdrol spelen als de geallieerde troepen in 2011 naar huis gaan. Maar die dure politie is nog steeds tot niets nuttigs in staat. De vaardigheidstrainingen hebben amper uitwerking: de agenten schieten nog altijd hoofdzakelijk mis. De betrouwbaarheid is minimaal: je weet nooit aan welke kant ze staan en aan wie ze hun wapens gaan verkopen. Dankzij hun wapens kunnen de agenten ook afpersen en verkrachten, en er zijn er voldoende die dat doen. En de moraal is extreem laag.
Newsweek en ProPublica, een non-profit onderzoeksjournalistiek organisatie, zijn er samen ingedoken en het beeld dat uit de gegevens te voorschijn komt over de Afghaanse politie is verschrikkelijk en lachwekkend. Een beetje Borat, maar dan serieus bedoeld.
In de reportage wordt een schietoefening beschreven waar de rekruten met hun AK 47 automatische geweren moeten richten op manshoge doelen die 50 meter verder opstaat. De meeste doelen blijven fier overeind staan.
Richard Holbrooke, de vertegenwoordiger van president Obama in Afghanistan, heeft de Afghaanse politie een ‘inadequate organisatie genoemd, vol van corruptie.’
Het probleem kwam ook aan het licht in Marja, de stad die onlangs werd geschoond van Taliban. De Amerikaanse en Engelse troepen werden verwelkomd als bevrijders, maar op de komst van de politie zit niemand te wachten. "De grootste vrees van de bevolking is dat de politie weer komt, want daarmee hebben ze heel slechte ervaringen," zegt Generaal William Caldwell, belast met de opleiding van de politie.
En dat is begrijpelijk. De politie staat voor afpersing, verkrachting, verraad en incompetentie.
Dat verdrijven van de Taliban gaat misschien nog wel lukken, ook zonder Wouter Bos, maar hoe het daarna verder moet is niet erg duidelijk.

Bron(nen):   Newsweek