Moeten we blij zijn met leiders die weinig slapen?

Politieke leiders zijn er dikwijls op uit ons te imponeren met hun gezondheid. Hun kracht is als het ware een extra argument om ons vertrouwen aan hen te geven. Daarom was het ook zo erg voor Nicolas Sarkozy toen hij een jaar geleden onwel werd tijdens zijn jogging. Had Frankrijk eindelijk een president die zich om z’n gezondheid bekommerde, zakte hij op straat in elkaar toen het een beetje warm werd. Sarkozy had ook op de dag van zijn inauguratie in 2007 een ongelooflijk programma in elkaar gezet om gelijk zijn veerkracht te etaleren, ondermeer door tussen 2 kransleggingen even op en neer naar Berlijn te vliegen voor een ontmoeting met Angela Merkel. De grote leider zonder overjas is een variant op dit thema. Dus als het op Koninginnedag zeikt van de regen loopt prins Willem-Alexander zonder overjas door Zeeland handjes te schudden en toont daarmee dat zijn torso werkelijk overal tegen bestand is. Dan is daar nog de kandidaat die in verkiezingstijd onvermoeibaar is en daarvan meende David Cameron dezer dagen een demonstratie te moeten geven. In de geest van Barack Obama leek hij op het eind van de campagne niet kapot te kunnen en reisde dag en nacht door het land om handjes te schudden. Is dat behalve om te imponeren verder nog ergens goed voor? Eh… Nee. The Daily Telegraph haalt er een professor bij, Jim Horne van het Sleep Research Centre aan de Loughborough University. En die zegt dat als iemand alleen maar onbelangrijke dingen doet zoals andermans handen schudden, dan kan te weinig slaap geen kwaad. Maar stel dat er een crisissituatie is en de leider moet weloverwogen beslissingen nemen die er toe doen. Dan zal hij er niet in slagen de goede overwegingen te laten passeren, gaat hij zich fixeren op trivia, luistert niet goed naar de juiste adviezen en neemt vervolgens fatale beslissingen. David Cameron kan daarom vanavond na de uitslagen maar het beste vroeg naar bed gaan.

Bron(nen):   The Daily Telegraph