Samenvatting van de top in 5 punten

Stelling 1
Op deze top wordt de euro definitief gered.

Was het maar waar.

De Europese leiders willen op deze top duidelijke afspraken maken over hoe de zeventien landen waar met de euro wordt betaald hun begroting op orde moeten krijgen. Als daar eensgezindheid over bestaat, dan hopen de Europese leiders dat de financiële markten opnieuw vertrouwen krijgen in de landen van de eurozone.

Stelling 2

Om de markten gerust te stellen, moet een nieuw Europees verdrag worden afgesloten.

Daar is onenigheid over.

De Duitse Bondskanselier Angela Merkel wil in principe voor alle 27 lidstaten van de EU (dus niet alleen de 17 van de eurozone) een nieuw Europees verdrag, waarin wordt gebetonneerd dat ze hun begroting op orde stellen en houden. Een nieuw verdrag moet echter door de parlementen van alle lidstaten worden goedgekeurd. Dat duurt jaren en het is niet zeker dat alle parlementen zo’n nieuw verdrag willen aanvaarden. Merkel beseft dat zo’n radicale oplossing onhaalbaar is en wil instemmen met een voorstel dat Herman Van Rompuy heeft gelanceerd. Hij wil een begrotingspact tussen de 17 eurolanden, waarin ze vastleggen dat ze hun begrotingen op orde zullen brengen. Volgens Van Rompuy kan zo’n begrotingspact vrij snel worden geregeld. Hij zegt dat het voldoende is om daarvoor een vrij onbekend onderdeeltje van het akkoord van Lissabon, dat specifiek over eurolanden met groot begrotingstekort gaat, te herschrijven. Dat kan zonder dat de parlementen van alle lidstaten worden geraadpleegd.

Stelling 3

Eigenlijk is er geen verdragswijziging nodig.

Klopt.

Afspraken over een degelijk begrotingsbeleid zijn vastgelegd in de fameuze sixpack. Daarin staat dat landen gestraft kunnen worden als ze geen sluitende begroting hebben. In het verdrag van Maastricht (1992) beloofden de landen al dat ze hun begrotingstekort en schuld zouden terugdringen, maar nadat Duitsland en Frankrijk zelf die regels hadden overtreden, vonden de andere landen een sterke begrotingsdiscipline niet meer zo nodig. Als alle eurolanden zich aan de afspraken hadden gehouden die ze ooit hadden vastgelegd, dan waren er nu geen problemen.

Stelling 4

De markten zullen de eurolanden vertrouwen als de ECB meer invloed krijgt.

In principe wel.

Als de Europese Centrale Bank staatsobligaties van eurolanden in nood onbeperkt zou kopen, dan daalt het rendement van die obligaties en kunnen de noodlijdende landen goedkoper lenen. Kanselier Merkel wilde tot voor kort niet toestaan dat de Europese Centrale Bank een ‘politiek’ beleid zou voeren omdat ze bang is dat inflatie zal ontstaan omdat er veel meer geld in omloop is. Maar in de afspraken die Merkel en Sarkozy eerder deze week hebben gemaakt, stemmen zij ermee in dat de ECB een actievere rol mag spelen. De ECB is een onafhankelijke instelling, maar haar voorzitter Mario Draghi heeft al laten verstaan dat de bank een grotere rol wil spelen in de bestrijding van de crisis áls de landen een stringenter begrotingsbeleid voeren.

Stelling 5

Er komen euro-obligaties.

Dat is lang niet zeker.

Europees voorzitter Herman Van Rompuy is voorstander van een systeem waarin de eurolanden niet meer afzonderlijk met de banken over leningen gaan onderhandelen. Hij wil een soort ‘Europees schuldagentschap’ dat in naam van alle eurolanden geld gaat lenen voor euro-obligaties. Angela Merkel en Nicolas Sarkozy zijn tegen de euro-obligaties, omdat de sterkere landen (zoals Duitsland en Frankrijk) een hogere rente zullen moeten betalen aangezien zij dan in dezelfde groep zitten als de zwakke eurolanden.