Als een lockdown tot honger leidt: “Banger voor te weinig eten dan voor coronavirus”

Ook in grote delen van Zuid-Amerika zijn strenge coronamaatregelen afgekondigd. De gevolgen zijn er echter veel groter dan in het rijke Europa. “Mijn angst is niet dat ik besmet word, maar dat mijn kinderen honger hebben.”

Dat zegt Liliana Pérez uit Buenos Aires in Britse krant The Guardian. Ze is moeder van zes kinderen en kan het zich niet permitteren om thuis te blijven dus gaat ze aan het werk. Honderden kilometers verderop in Rio de Janeiro vertrekt ook Marcos de Oliveira voor dag en dauw om zijn gezin eten te kunnen geven. “Ik zie wel in dat het geen gewoon griepje is en ik merk ook dat het erger wordt in Brazilië,” vertelt de 45-jarige metaalbewerker. “Maar helaas moeten mensen gaan werken. We moeten geld verdienen.” In Brazilië zijn dan ook grote protesten uitgebroken tegen de coronamaatregelen.

Rellen
In Zuid-Amerika leven naar schatting 113 miljoen mensen in favela’s, arme wijken bij miljoenensteden. De gezinnen die er wonen kunnen zich maar moeilijk houden aan de lockdowns die overal gelden, omdat ze dan direct geen inkomen meer hebben. “Mensen maken zich er meer zorgen over of ze nog in staat zijn hun gezin eten te geven dan over het coronavirus,” zegt de Argentijnse Pérez.

In Colombia is de situatie niet veel beter. Inwoners van de arme wijken hebben rode doeken aan hun raam gebonden om duidelijk te maken dat ze honger hebben. De politie heeft al rellen moeten stoppen van mensen die boos waren, omdat ze het beloofde voedsel nog niet hadden ontvangen.

Brood verkopen
“Ik heb geen geld en niets te eten,” vertelt ook de 44-jarige María Ticona, moeder van vijf. Ze woont in de Boliviaanse hoofdstad La Paz. Vóór de lockdown, die door het leger strikt wordt gehandhaafd, verkocht ze brood. Het schamele inkomen dat ze daarmee verdiende is in één klap verdwenen. “Mijn kinderen hebben niet normaal meer te eten gehad sinds de quarantaine begon,” klinkt het somber.

Bron(nen):   The Guardian