Is de sluiting van de scholen voor niets geweest?

De sluiting van de scholen is een van de meest omstreden coronamaatregelen. De regering en het RIVM vonden het niet nodig, maar onder druk van het volk gebeurde het toch. Achteraf had het kabinet misschien gelijk.

Jaap van Dissel van het RIVM zei gisteren tijdens de persconferentie letterlijk dat het sluiten van de scholen ‘geen invloed heeft gehad op het totaal aantal besmettingen’.

Maar het is moeilijk. In Taiwan waren de scholen al in februari weer open en zette corona niet door, schrijft de Volkskrant. Ook simulaties tonen aan dat een schoolsluiting slechts een paar procent van de sterfte voorkomt. “Het bewijs dat een landelijke schoolsluiting covid-19 bestrijdt, is erg zwak”, stelde ook een Britse analyse in artsenblad The Lancet deze maand. Verder bleek in Nederland van de 137 onderzochte kinderen met griepklachten er geen een corona te hebben.

Van de andere kant: In Seattle waren er vorig jaar 6 procent minder mensen verkouden toen de scholen wegens slecht weer 5 dagen gesloten waren. Volgens een berekening van Londense wetenschappers zou het sluiten van scholen de besmettelijkheid van het coronavirus zelfs met 20 procent hebben verminderd.

Toch is de consensus onder wetenschappers wel dat kinderen weinig besmettelijk zijn, vooral omdat ze nauwelijks klachten hebben. “De kans is groter dat een leerkracht het virus overdraagt op een kind dan andersom”, zegt epidemioloog en kinderarts Patricia Bruijning (UMC Utrecht) in de Volkskrant.

Bron(nen):   De Volkskrant