Talent voor geluk: waarom sommige mensen nu eenmaal gelukkiger zijn dan anderen

De ware liefde, een fijne familie, een leuke baan en aangename hobby’s, je kunt het allemaal hebben en toch niet zo gelukkig zijn als je eenzame, werkloze buurman. Dan heb je gewoon pech met je genen.

Talent voor geluk
Zoals je aanleg kunt hebben voor muziek, topsport of wetenschap, is ook geluk voor een aanzienlijk deel genetisch. Biologisch psycholoog Meike Bartels van de Vrije Universiteit Amsterdam doet onderzoek naar de relatie tussen genetica en geluk. “Verschil in geluk tussen mensen zit voor een behoorlijk deel in de genen,” vertelt Bartels aan Quest. “Iedereen heeft een genetische gevoeligheid. En sommige mensen zijn geboren met een gunstiger genenpakket dan anderen.”

Omgeving
Bartels verklaart: “Genetica zie je aan het werk als je gewoon om je heen kijkt en je jezelf vergelijkt met vrienden of anderen. Dan zie je: ik ben van mezelf wel gelukkiger dan sommige anderen.” Of juist niet. Toch verklaren genen lang niet alles. Uit haar eigen grote overzichtsstudie bij eeneiige en twee-eiige tweelingen blijkt dat geluk uiteindelijk voor 40 procent genetisch is en voor 60 procent door de omgeving wordt bepaald.

“Maar,” benadrukt ze, “gelukkige kinderen hebben een dubbel voordeel. Ze hebben goede genen én een fijne omgeving thuis.” Hun ouders hebben waarschijnlijk ook gelukkiger genen, waardoor de sfeer in huis prettiger en positiever is en ze door die omgevingsfactor zelf weer gelukkiger worden.

Ook zijn er allerlei andere zaken waar je weinig aan kunt doen. “Sommige mensen hebben een vrolijker gezicht dan anderen. Dat stuurt de omgeving.” Omdat je uit jezelf vrolijk kijkt, reageren anderen daar ook positief op. “Dat maakt het makkelijker om gelukkig te zijn.”

Geluk is voor iedereen anders
De belangrijkste boodschap van Bartels is dat er grote verschillen zijn in genen en omgeving. Daardoor werken simpele tips als ‘ga sporten’ of ‘geniet van kleine dingen’ lang niet voor iedereen. “Mensen die van sport houden, vinden het onbegrijpelijk dat er mensen zijn die niet sporten. Maar sport levert niet voor iedereen hetzelfde geluksgevoel op.”

Een universeel geluksrecept waar iedereen beter van wordt, dat bestaat niet, vertelt Bartels. Het belangrijkste vindt ze dat je doet wat je zelf wil en je niet laat leiden door wat anderen vinden dat je moet doen. Nieuwe ervaringen opdoen in verre landen is voor je vriendin misschien het summum, maar jij hebt nu eenmaal liever die nieuwe iPhone.

Je kunt je geluksgevoel een handje helpen door op zoek te gaan naar wat jij leuk, zinvol of belangrijk vindt, maar helemaal naar je hand zetten kun je dat gevoel niet, weet Bartels. “Als we iedereen heel gemakkelijk konden veranderen, dan was iedereen wel hypergezond en supergelukkig.”

Acceptatie
De wetenschapper adviseert vooral om tevreden te zijn met je geluksniveau. “Niet iedereen hoeft per se een 8,5 te scoren. Een 6,5 kan ook prima zijn”, benadrukt Bartels. “Een groot deel van je geluksniveau zit in acceptatie dat je bent wat je bent. Dat kan ook veel rust geven. Want dat DNA, dat verander je niet.”

Bron(nen):   Quest (€)