Love Story in India

Chander Mohan, gouverneur van de Indiase staat Haryana, maakte bekend dat hij is bekeerd tot de islam en dat hij een tweede vrouw heeft getrouwd, de moslima Anuradha Bali. Mohan (43) was een veelbelovend politicus, maar met deze mededeling is India in rep en roer – en kan Mohan zijn verdere loopbaan wel vergeten.
De bevolking zelf ziet India bij voorkeur als de grootste seculiere democratie ter wereld, maar in de praktijk liggen religieuze geschillen ongelooflijk gevoelig. Mohan is door het bestuur van zijn staat onmiddellijk aan de kant gezet en zijn nieuwe echtgenote – een 37 jaar oude rechter – is eveneens uit haar functie ontheven. De officiële reden is dat Mohan, inmiddels luisterend naar de naam Chand Mohammed, zijn professionele verplichtingen niet is nagekomen.
Omdat de zaak op verschillende tv-kanalen breed is uitgemeten, kan een groot deel van de bevolking meepraten. Onmogelijk om een moslim-gouverneur te hebben in een staat waar in 1948 de gevechten tussen hindoes en moslims het hevigst waren, menen velen. Bij de eerstvolgende verkiezingen zou hij zijn weggevaagd, want niet één hindoe gaat nog op hem stemmen. Intussen doet de overheid er alles aan om de reli-factor zo klein mogelijk te houden. Commentaar van de staat Haryana: Ze zijn ontslagen omdat ze hun werk niet goed deden. "In public life you cannot behave like Romeo and Juliet.”
Over de reden waarom Mohan is bekeerd tot het ware geloof, bestaan trouwens de nodige twijfels. De 150 miljoen moslims in India hebben hun eigen wetgeving (sharia) inzake het familierecht en mannen mogen er meerdere vrouwen op nahouden. Omdat een scheidingsprocedure voor hindoes zeer gecompliceerd is en ook de boedelscheiding voor veel heisa dreigde te zorgen, zou zijn plotselinge bekering tot de islam wel eens kunnen zijn ingegeven door praktische motieven.
Inmiddels lijkt het nieuwe huwelijk alweer bezweken onder de grote aandacht van de media. “Ik blijf moslim tot mijn dood,” beweerde Anuradha Bali onlangs nog, maar toen was haar kersverse echtgenoot alweer gevlogen.

Bron(nen):   The Wall Street Journal