Zuid-Italië: zat de maffia achter de rassenrellen?

The New York Times is zelf naar Calabrie gegaan, naar Rosarno, om ter plekke te onderzoeken wat precies de reden is geweest voor de heftige rassenrellen.
Eerste ontdekking: de streek is zo arm, dat de 30 euro die een Afrikaan hier per dag verdiende om fruit te plukken helemaal niet veel minder is dan wat lokalen verdienen met andere bezigheden. Ergo: immigrant en Italiaan waren concurrenten van elkaar op de arbeidsmarkt en dat ging schuren toen de economische omstandigheden verslechterden. 
Verder is de maffia in deze streek heer en meester – Rosarno wordt ook wel het ‘Corleone van Calabria’ genoemd. Het kan niet zo zijn, aldus insiders, dat de rellen hebben plaatsgevonden zonder toestemming van de maffia, zoiets is ondenkbaar. 
Vraag is dan: welk belang werd hiermee gediend?
Volgens The New York Times wordt de fruitteelt in deze streek royaal gesubsidieerd door de EU. Wel is de aard van de ondersteuning in 2007 drastisch veranderd. Eerst kwam er subsidie voor de hoeveelheid gewasen die werden geoogst, maar daar werd teveel mee gefraudeerd – de opbrengsten lagen op papier veel hoger dan in werkelijkheid.  
Inmiddels geldt subsidie op basis van de hoeveelheid hectares grond die bebouwd zijn. Dat zou het volgende kunnen betekenen: bij lage veilingprijzen kun je het fruit beter aan de bomen laten rotten dan dat je het plukt. Ergo: dan zijn de Afrikaanse plukkers niet langer nodig. En kreeg de bevolking van Rosarno (13.500 man) z’n bekomst van de 2.500 Afrikanen.
Inmiddels haalt de brandweer de oude fabriek leeg waar veel immigranten (illegaal) woonden. De omstandigheden waren mensonterend. 
Verder verklaart het stadsbestuur de immigranten weer van harte welkom. Degenen dan, die het wagen hier nog terug te keren.

Bron(nen):   The New York Times