Europese vaccinwaakhond praat weer over vaccin van AstraZeneca

Het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA), dat toezicht houdt op vaccins en geneesmiddelen, praat de komende dagen weer over het coronavaccin van AstraZeneca. Een veiligheidscommissie van de toezichthouder wil weten hoeveel bewijs er is voor een verband tussen het vaccin en gezondheidsklachten bij mensen die het middel hebben gekregen. Mogelijk komen ze woensdag met een oordeel.

Op basis van dat oordeel beslist de Nederlandse overheid of en hoe het prikken met AstraZeneca verder kan gaan. Afgelopen vrijdag besloot de overheid om het vaccin voorlopig alleen aan 60-plussers toe te dienen. Die prikpauze geldt in elk geval tot en met woensdag. De GGD'en stopten vervolgens helemaal met het middel. Er bleven zo weinig afspraken over dat verspilling op de loer lag, dus zijn alle afspraken afgezegd.

Nederland dient het vaccin van AstraZeneca onder meer toe aan mensen die in de langdurige zorg werken, aan mensen met het syndroom van Down en aan mensen met morbide obesitas.

Enkele tientallen mensen in Europa kregen last van een combinatie van bloedstolsels (trombose) en een verlaagd aantal bloedplaatjes (trombocytopenie). In Nederland zijn vijf meldingen bekend. Bij drie van hen kwamen de bloedpropjes bij de longen terecht. Een vrouw is aan zo'n embolie overleden. Een andere vrouw kreeg ook een hersenbloeding. Die klachten ontstonden ongeveer een week na vaccinatie met AstraZeneca, maar dat wil op zich nog niet zeggen dat die klachten ook zijn veroorzaakt door het vaccin.

Tot nu toe zegt de EMA dat een verband tussen het vaccin en de klachten nog niet is aangetoond, maar ook nog niet kan worden uitgesloten. De voordelen van het vaccin in de strijd tegen de corona-uitbraak wegen wel zwaarder dan de kans op zulke klachten, aldus de waakhond.