ARLINGTON (ANP) - De Amerikaanse president Donald Trump heeft bij het Pentagon stilgestaan bij de aanslagen van 11 september 2001. "We weten 25 jaar na de aanslagen dat de wereld nooit meer zal terugkeren naar hoe het was op die prachtige en vredige dinsdagochtend", zei hij.
Trump sprak over de slachtoffers van de aanslagen en hun nabestaanden. Hij zei dat na '9/11' in verre landen is gestreden tegen een duistere vijand, "zodat onze kinderen ooit weer zorgeloos kunnen leven". De president noemde ook Iran, waar zijn land nu in conflict mee is. Hij zei dat het Iraanse regime terrorisme steunt en nooit een kernwapen mag krijgen.
Bij de aanslagen kregen Amerikanen volgens Trump te maken met een "gruwelijk, gruwelijk kwaad", maar een kwart eeuw later zou hun land sterker zijn dan ooit. "Het is nog nooit zo sterk geweest als het nu is", claimde de president. Die stelde dat de "verschrikkelijke macht van de haat" uiteindelijk niet groter was dan het vermogen van de Amerikanen om tegenslagen te ondergaan en te winnen.
Symbool
Het Pentagon staat symbool voor de Amerikaanse militaire macht en was een van de doelen die werd aangevallen met gekaapte passagiersvliegtuigen. Er vielen 184 doden. Jihadisten gebruikten twee toestellen om het World Trade Center in New York te rammen. Een vierde vliegtuig crashte toen passagiers zich tegen de kapers keerden. In totaal kwamen bij de aanslagen bijna drieduizend mensen om het leven.
Naast Trump speechten ook de voormalige nationale veiligheidsadviseur Condoleezza Rice, topmilitair Dan Caine en oorlogsminister Pete Hegseth. Die blikte na het citeren van een bijbeltekst terug op de oorlogen die zijn land voerde na de aanslagen. "Zelfs als ze imperfect waren, waren die conflicten onze vergelding."