Bij een crematie worden het lichaam en de kist bij hoge temperaturen verbrand. Wat overblijft, zijn vooral
broze botresten: die worden na afkoeling fijngemalen tot de as die nabestaanden meekrijgen.
Allerzielen: wat gebeurt er bij crematie?
Op 2 november, Allerzielen, herdenken veel mensen hun overleden dierbaren. Ze steken een kaarsje aan, bezoeken een graf of staan stil bij iemand die ze missen. Maar achter die vertrouwde rituelen schuilt ook een vraag die minder vaak hardop wordt gesteld: wat gebeurt er eigenlijk met je lichaam als je wordt gecremeerd?
De kist gaat mee
Na de afscheidsplechtigheid wordt de overledene naar de ovenruimte gebracht. De kist gaat mee de oven in. Vooraf legt een medewerker er een vuurvast steentje op met een uniek crematienummer. Dat nummer koppelt de stoffelijke resten aan de juiste persoon en wordt tijdens de verdere verwerking gecontroleerd.
De oven is bij het invoeren doorgaans al ongeveer 800 graden. Door de hitte vat de kist vlam en kan de temperatuur verder oplopen tot circa 1100 graden. Een computersysteem bewaakt het proces en regelt waar nodig de temperatuur.
Wat gebeurt er met het lichaam?
De hitte breekt het lichaam af. De zachte weefsels verbranden; daarbij ontstaan gasvormige verbrandingsproducten. Het skelet verdwijnt niet helemaal: er blijven botfragmenten achter. Het beeld dat een lichaam in de oven vanzelf verandert in een hoopje fijne as, klopt dus niet.
De verbranding duurt vaak ongeveer 75 tot 90 minuten, maar dat is geen vaste termijn. Onder meer spelen het type oven en de lichaamsbouw van de overledene een rol. Afkoelen en het verwerken van de overblijfselen kosten daarna nog extra tijd.
Van botresten naar as
Na de verbranding verzamelt de medewerker de overblijfselen en laat die afkoelen. Niet alles wat met het lichaam de oven ingaat, verbrandt. Metalen onderdelen, bijvoorbeeld van medische implantaten, blijven achter en worden uit de resten verwijderd.
Daarna gaan de botfragmenten in een cremulator: een apparaat dat ze fijnmaalt. Zo ontstaat de grijswitte, korrelige substantie die we doorgaans ‘as’ noemen. Die bestaat dus vooral uit de fijngemalen resten van het skelet, niet uit as zoals die na een houtvuur achterblijft. Volgens ovenfabrikant DFW Europe blijft na een crematie gemiddeld ongeveer 2,5 tot 3 kilo as over.
Waarom de urn niet direct meegaat
De as wordt in een tijdelijke urn of asbox gedaan. Daarbij controleert het crematorium of het nummer op het identificatiesteentje overeenkomt met dat op de verpakking. Ook bij de overhandiging aan de nabestaanden wordt die identificatie gecontroleerd.
In Nederland blijft de as in beginsel nog een maand in het crematorium; dat is wettelijk vastgelegd. Daarna kunnen nabestaanden de as bijvoorbeeld bewaren in een urn of laten verstrooien. De urn die uiteindelijk mee naar huis gaat, is dus het eindpunt van een zorgvuldig proces van verbranding, afkoeling, metaalverwijdering, fijnmalen en identificatie