Trichotillomanie: de onweerstaanbare neiging om je haren uit te trekken

Trichotillomanie houdt in dat iemand zijn eigen haren uittrekt en daar niet mee kan stoppen. Het kan al het lichaamshaar betreffen, maar meestal gaat het om het hoofdhaar, wimpers en wenkbrauwen. Psychiaters beschouwen het als een stoornis in de impulscontrole, d.w.z. dat men de impuls/aandrang om aan zijn haren te trekken niet kan onderdrukken. Het is een hardnekkige stoornis die lastig te behandelen is en waaraan vooral vrouwen lijden.

Er is nog geen duidelijke oorzaak voor gevonden. Het trekken aan de haren gebeurt meestal automatisch en tijdens activiteiten zoals tv kijken, telefoneren, lezen of autorijden. De drang om te gaan trekken neemt toe bij spanningen en het trekken zelf geeft vaak een gevoel van opluchting of ontspanning. Maar daarna komt de spijt. Mensen met trichotillomanie schamen zich voor de kale plekken en vinden het moeilijk om erover te praten.

Met cognitieve gedragstherapie worden goede resultaten bereikt, maar op de lange termijn valt ongeveer 70% weer terug. Psychologe Joyce Maas van de Radboud Universiteit Nijmegen onderzoekt een nieuwe behandelmethode, die gericht is op het trainen van automatische processen door middel van een computertraining met een joystick. De joysticktraining wordt gegeven als aanvulling op gedragstherapie.

Het enige wat ze nu nog nodig hebben voor het onderzoek zijn 75 vrouwen met trichotillomanie.

Bron(nen):   Radboud Universiteit  Trichotillomanie.info