Schimmel (Ug99) bedreigt tarweoogsten wereldwijd

In 11 landen in Afrika en het Midden-Oosten is een schimmel actief die de graanoogsten bedreigt. Tot 90% van alle tarwerassen ter wereld is gevoelig voor ‘stengelroest’. De schimmel werd voor het eerst ontdekt werd in Oeganda in 1999, vandaar de naam Ug99. De schimmel is herkenbaar aan ovale roestrode vlekken op de tarwestengels, die daardoor zo verzwakt worden dat ze niet meer overeind kunnen blijven staan. Naar schatting 50 tot 70% van de tarweoogst kan zo worden verwoest.

Tarwe is het meest geteelde voedingsgewas ter wereld en staat – na rijst – als 2e op de lijst van belangrijkste voedingsmiddelen. De schimmel is gevonden in Oeganda, Kenia, Ethiopië, Soedan, Jemen, Iran, Tanzania, Zuid-Afrika, Zimbabwe, Mozambique en Eritrea. De wind zou er echter voor kunnen zorgen dat hij zich verspreidt naar Zuid-Azië en uiteindelijk naar Oost-Azië en Noord- en Zuid-Amerika.

Wetenchappers proberen nu resistente tarwerassen te ontwikkelen voordat de schimmel zich over de hele wereld verspreidt. Dat doen ze door er 3 of 4 genen aan toe te voegen, die er tevens voor zorgen dat de tarwe-opbrengst met 10 tot 15% stijgt. Toch kan het nog jaren duren voor de resistentie zich verspreidt over lokale tarwesoorten. De nieuwe soorten zouden niet genetisch gemodificeerd zijn. Tarwetelers willen geen genetisch gemodificeerde zaden, omdat consumentenorganisaties – vooral Europese – zich daartegen verzetten Het ontwikkelen van nieuwe soorten resistente tarwe zal de komende 5 jaar bijna 70 miljoen dollar kosten. Het grootste deel daarvan zal worden bekostigd uit de Gates Foundation.

Bron(nen):   Reuters