Criminelen aanwijzen: hoe maak je een line-up betrouwbaarder?

Criminelen worden ter identificatie vaak onderworpen aan een 'line-up'. De verdachte staat tussen een andere mensen in een rij voor een glazen wand. Ooggetuigen worden gevraagd om de dader aan te wijzen. Maar deze methode is niet erg betrouwbaar. DNA-tests hebben uitgewezen dat al te vaak de dader niet wordt herkend of dat een onschuldig iemand wordt aangewezen.

Psycholoog Neil Brewer van de Flinders University in Australië ontwikkelde daarom een nieuw type van line-up. In zijn onderzoek moeten ooggetuigen niet enkel de dader moeten aanwijzen, maar ze ook moeten aangeven hoe zeker ze zijn van hun identificatie. Verder moeten ze zo snel mogelijk antwoorden.

Studies hebben namelijk aangewezen dat sterke herinneringen veel sneller door onze hersenen worden verwerkt dan zwakkere. En juiste identificaties worden doorgaans sneller gemaakt dan incorrecte. Brewers conclusie is dat een beperking van de beslissinggstijd betere resultaten zou genereren.

Om deze hypothese te testen werd een experiment met meer dan 900 vrijwilligers opgezet. Hieruit bleek dat de testgroep die op de meer traditionele manier 'criminelen' moest identificeren de dader slechts in 49% van de gevallen identificeerde. De andere groep kreeg maar een paar seconden de tijd om de verdachten aan te wijzen en had de kans om aan te geven hoe zeker ze waren van hun beslissing. Zij pikten in 67% van de gevallen de dader eruit, wat een goeie indicatie is dat Brewers theorie correct is.

Bron(nen):   Express.be