Platteland loopt leeg als er niet snel internet komt

Even skypen met een zoon in Australië, online daten, of de snelle ontwikkeling van de melkprijzen bijhouden. In veel huishoudens op het platteland kan dat allemaal niet omdat het internet er nog tergend traag is. En als daar niet snel verandering in komt, loopt het leegt, waarschuwt Dirk Strijker, hoogleraar Plattelandsontwikkeling aan de Rijksuniversiteit Groningen.
In 2000 schreef Strijker aan de toenmalige VROM-raad wat de beste investering in de toekomst van het platteland zou zijn: een glasvezelkabel tot elke deur. Toen waren  75 duizend adressen op het platteland in Noord-Nederland verstoken van snel internet. En intussen is er volgens de hoogleraar niets gebeurd.
Dus probeert hij opnieuw breedband voor het buitengebied op de agenda te krijgen. ‘Voor veel mensen is een snelle internetverbinding een basisvoorziening geworden, net als water, elektriciteit en een verharde weg. Gezinnen met opgroeiende kinderen of mensen die soms thuis werken, willen gewoon snel internet.’ Krijgen ze dat niet, dan voorspelt hij, trekken ze weg en ontvolkt het platteland.
De kans dat de benodigde glasvezelkabels er komen is echter klein. Kabelmaatschappijen vinden het aansluiten in dunbevolkte gebieden onrendabel. En de politiek loopt ook niet voorop. Strijker: ‘Je laat als politicus liever een zichtbaar gebouw na, dan een paar heel dure kabels onder de grond.’ Maar die glasvezels moeten er toch snel komen, vindt hij. Zo niet, dan voorspelt hij dat bewoners en bedrijven zullen wegtrekken waardoor de krimp er zal versnellen.

Bron(nen):   Rijksuniversiteit Groningen