The Economist legt uit waarom de pensioenen te hoog zijn

Toen we nog bijna boeren waren – en erg lang is dat niet geleden – zaaiden en oogsten we tot we er dood bij neervielen. Het was von Bismarck die in 1889 voor het eerst iets wat invoerde wat we nu pensioen zouden kunnen noemen. at zou allemaal goed zijn gegaan als we niet zo oud werden.
Na de tweede wereldoorlog werd in het westen overal een regeling bedacht dat je na je 65e niet meer hoefde te werken. Veel kostte dat niet: na je 65e ging je immers spoedig dood.
IN 1950 waren er 7.2 mensen in de werkende leeftijd voor een persoon boven de 65. Maar na 1980 veranderde dat gaandeweg. Het werd oen 5,1. Nu is het 4.1 en in 2050 zal het 2.1 zijn, in de rijke wereld als geheel. In Europa wordt de verhouding nog slechter.
Let in het onderstaande plaatje ook op het verschil tussen de officiële leeftijd dat mensen op kunnen houden met werken (in Nederland 65) en de feitelijke (in Nederland 62)
Van belang omdat overal ter wereld de oplossing wordt gezocht in een hogere pensioenleeftijd.
De feiten op een rij:
  

 

Bron(nen):   The Economist