Waarom testen minder goed werkt tegen omikron

Dat omikron zo snel rondgaat, komt niet alleen door de grote besmettelijkheid, maar ook door een kortere incubatietijd. Daar is bijna niet tegenop te testen.

Het oorspronkelijke Covid-19 uit Wuhan deed er vijf tot zes dagen over voor iemand merkte dat hij besmet was. De deltavariant was met gemiddeld vier dagen al sneller, maar omikron heeft er echt de sokken in: na een dag of drie krijgen mensen vaak al klachten.

Dat blijkt onder meer uit een corona-uitbraak op een feest in Oslo waar wetenschappers onderzoek naar deden. Daar raakten 81 van de 110 mensen besmet met de omikronvariant. De symptomen traden meestal op na drie dagen. En erger: bijna iedereen had in de twee dagen voorafgaand nog een negatieve sneltest gedaan. Het duidt er mogelijk op dat het virus zich zo snel had vermenigvuldigd dat de sneltests geen nut meer hebben. De bevindingen zijn in lijn met voorzichtige waarnemingen in onder meer Zuid-Afrika.

Als de incubatietijd zo kort is, is er minder tijd om de ziekte op te sporen, voordat hij besmettelijk wordt. Mensen moeten zich dan eerder laten testen, maar als je een dag later pas de uitslag krijgt, kan die alweer zijn achterhaald. Vooral PCR-tests zijn dan te traag.

Testen blijft dus belangrijk, maar aanvullende maatregelen zijn nog belangrijker geworden.

Bron(nen):   Businessam