Afrikaanse baby’s kunnen eerder zitten dan westerse

Naar Nederlandse maatstaven is de gemiddelde leeftijd waarop een baby zelfstandig kan zitten ongeveer 7 maanden. Slechts een kwart van de baby’s kan zelfstandig zitten als ze 5,5 maand oud zijn. Deze normen zijn echter gebaseerd op gegevens van blanke baby’s uit de jaren ‘30 en ‘40.

Uit een recente studie, waarvan de resultaten gepubliceerd werden in het Journal of Cross-Cultural Psychology, blijkt dat de leeftijd waarop een kind zelfstandig zit sterk varieert naargelang de cultuur. Afrikaanse baby’s kunnen gemiddeld genomen veel eerder en langer zitten dan westerse baby’s.

De onderzoekers observeerden het gedrag van 5 maanden oude baby’s en de interactie met hun moeder gedurende 1 uur in de thuissituatie. Dat deden ze in 6 verschillende landen: Argentinië, de VS, Italië, Kameroen, Kenia en Zuid-Korea. In elk land observeerden ze 12 moeder-kind paren.

Een derde van deze baby’s van 5 maanden kon zelfstandig zitten, d.w.z. minstens 1 seconde zitten zonder steun. Maar er waren significante culturele verschillen. Slechts 2 van de Amerikaanse (17%) en geen van de Italiaanse baby’s kon zelfstandig zitten. In Kenia konden 8 van de 12 baby’s zelfstandig zitten (67%) en in Kameroen waren dat er 11 van 12 (92%). Er waren ook grote verschillen in de tijd die baby’s los konden blijven zitten. De kortste periode was 2,4 seconden en de langste was 28 minuten (door een Kameroense baby).

De culturele verschillen gingen samen met verschillen in de kans die de kinderen kregen om zelfstandig te zitten. Zo werden kinderen uit de VS, Argentinië, Zuid-Korea en Italië het grootste gedeelte van de tijd ondersteund, bv. in een kinderstoel of in de armen van hun moeder. Baby’s uit Kenia en Kameroen zaten het grootste deel van de tijd op de grond of op meubels voor volwassenen, waar ze zelf hun evenwicht moesten leren bewaren. Moeders uit Kenia en Kameroen besteedden ook meer tijd op grotere afstand van hun baby’s. Een Keniaanse moeder was 13 minuten buiten het bereik van haar kind, terwijl dat los op een meubel voor volwassenen zat. En nee, hij viel er niet vanaf net als alle andere baby’s in deze studie.

Op basis van deze gegevens zou je kunnen denken dat het al dan niet zelfstandig kunnen zitten op jonge leeftijd afhankelijk is van culturele verschillen in opvoedingspraktijken, maar zo simpel is het niet. Dit was slechts een kleine studie en we weten niet of het gedrag van de ouders de vaardigheden van de baby beïnvloedt of andersom. Een kind dat zijn evenwicht nog niet kan bewaren, zet je niet los op een grote stoel zonder een volwassene in de buurt. Bovendien was er ook overlap tussen de landen; sommige Amerikaanse baby’s konden langer zitten dan sommige Keniaanse of Kameroense baby’s.

Bron(nen):   BPS Research Digest