Bij de
brand in het Zwitserse skidorp Crans-Montana is een groot deel van de gewonden
levensgevaarlijk verbrand. Volgens Zwitserse autoriteiten zijn rond de 115 mensen gewond geraakt, onder wie veel jonge feestgangers; tientallen liggen met ernstige
brandwonden in gespecialiseerde centra in Lausanne en Zürich. Bij een verbrand lichaamsoppervlak van meer dan 60 procent spreken artsen over extreem hoog risico: grote studies laten zien dat bij volwassenen boven circa 40 procent verbrand lichaamsoppervlak de kans op ernstige complicaties en overlijden al sterk oploopt, zelfs in de beste brandwondencentra.
Toch betekent overleven na zulke letsels niet automatisch een uitzichtloos bestaan. Langetermijnonderzoek onder brandwondpatiënten laat zien dat de algemene kwaliteit van leven, gemeten meer dan tien jaar na het ongeluk, zelfs kan verbeteren, vooral door herstel van werk, sociale relaties en een herwonnen gevoel van autonomie. Dat verandert niets aan de realiteit van blijvende pijn, littekens, psychisch trauma en jarenlange revalidatie, waarvoor intensieve psychologische steun net zo cruciaal is als chirurgie en huidtransplantaties.
(Long-Term Study Of Health And Quality Of Life After Burn Injury)De harde vraag na een ramp als in Zwitserland is dus niet alleen wie het redt, maar ook wát
“redden” betekent. Voor sommige zwaar verbrande slachtoffers zal de medische strijd vooral gaan om overleven; voor anderen om opnieuw leren leven met een lichaam en een toekomst die voorgoed zijn veranderd.